Berichten

Kernenergie

We zijn een dag in Dampierre-en-Burly, een gemeente die rijk is geworden sinds de installatie van een kerncentrale in 1980. De bewoners kunnen hun geluk niet op: Een nieuw zwembad, bioscoop, dokterspraktijk… Terwijl de nucleaire kwestie een hoofdthema is tijdens de presidentiële campagne, praten de bewoners het liefst over de begintijd toen de centrale werd gebouwd.

Wij zijn een zeer rijke gemeente, duidelijker kan ik het niet zeggen’, schept Serge Mercadié, de burgemeester van Dampierre-en-Burly, op, hoewel hij niet het opschepperige type lijkt. Dampierre, een dorpje in de Loiret, op 45 minuten van Orléans. Met zijn 17e -eeuws kasteel, zijn vijvers, zijn bossen en zijn verspreid liggende boerderijtjes… aan de voet van de kerncentrale. Verborgen in de dichte mist van deze ijzige januari, worden de vier 160 meter hoge torens al decennia lang gezien als een zegen voor de gemeente.

De burgemeester die hier 68 jaar geleden is geboren, heeft de veranderingen stukje bij beetje van dichtbij meegemaakt.

Mijn ouders runden een café-restaurant toen de kerncentrale werd gebouwd, net voor 1980… Ze zorgden voor 200 maaltijden per dag! Er waren elke morgen 100 mensen op het dorpsplein, die een baan kregen bij de centrale, en dat duurde zeker een paar jaar. Dampierre telde toen 850 inwoners. Op dit moment zijn dat er 1.500, met een begroting van een stad van 15.000 inwoners. We praten hier over drie miljoen euro aan investeringen dit jaar, tien keer meer dan een naburige gemeente van vergelijkbare grootte’.

Om te zien hoe de kerncentrale CNPE (Centre Nucléaire de Production d’Électricité), zoals die hier officieel heet, zijn gemeente een boost heeft gegeven, neemt de volksvertegenwoordiger ons mee op een rondleiding langs de installaties die gebouwd zijn ‘dankzij het geld van de EDF’. ‘ Elk jaar draagt EDF bijna 70 miljoen euro af aan lokale belastingen in de hele regio, waarvan 400.000 euro per jaar naar Dampierre vloeit’.

Zijn armen zwaaien in het rond: ‘Er is een praktijk met een arts, drie fysiotherapeuten, een chiropodist, een osteopaat en binnenkort een kinderarts. Verbazingwekkend, in een regio die bekend staat als de grootste medische woestijn van Frankrijk.’

Hij hervat zijn wandeling: ‘Daar is het stadion, het skatepark… Iets hogerop het zwembad. Ons dorpshuis heeft een bioscoopzaal met 200 zitplaatsen. En in de afgelopen vijf jaar heeft Dampierre er vijf winkels bij gekregen: Een kringloopwinkel, een wasserette, een schoonheidssalon, een trimsalon en een textielwinkel. Dit alles trekt veel jonge gezinnen aan. Honderdnegentig kinderen gaan hier naar school en krijgen een schoolmaaltijd voor slechts 1 euro.’

Serge Mercadié, die zijn geluk niet op kan, praat bijna verontschuldigend. Deze krachtcentrale die het hele gebied van energie voorziet kan in zijn ogen geen fout doen. ‘Zelfs de waterdamp die uit de torens ontsnapt blijft niet boven ons dorp hangen maar trekt richting de naburige gemeenten, waar je de wolken kunt zien hangen! Maar ook zij hebben niks te klagen. De CNPE zorgt voor veel banen ook buiten de grenzen van Dampierre.

Werk voor 9.100 mensen

Het onderzoeksbureau Insee heeft berekend dat 9.100 mensen een baan hebben gevonden die afhangt van de vier kerncentrales in dit gebied, die tot de oudste van Frankrijk behoren en 6% van de elektriciteit van het land leveren.

De dreiging van sluiting van twee ervan zorgde in de omgeving voor veel onrust. In juni 2021 is een begin gemaakt met een ‘grote opknapbeurt’ om sluiting nog een tijdje uit te stellen. Ook deze hersteloperatie, waarbij honderden extra werknemers zijn betrokken, brengt weer geld in het laatje bij de plaatselijke ondernemers. Om nog maar te zwijgen van de overnachtingen.

Wij halen hier 70% van onze lunchklanten vandaan’, zegt Aurélie, de bakker, die twee jaar geleden met enige tegenzin kwam, maar nu dolblij is. ‘We hebben een welgestelde klantenkring, die niet op hun uitgaven letten’. Dat geldt ook voor de bar-tabac Le Relais waar 75% van de clientèle nauw of op afstand verbonden is met de kerncentrale.

De winkeliers zijn niet bepaald bezig met de komende presidentsverkiezingen, terwijl die wel over het lot van hun levensonderhoud kunnen beslissen. ‘Ik volg dit van een afstand,’ lacht Arnaud Strobel, de eigenaar van het Relais, terwijl hij tegen een tafel leunt. ‘Het is niet echt een onderwerp van gesprek hier’. En als ze de fabriek sluiten? ‘Dan duurt het nog tientallen jaren om de centrale te ontmantelen, dus we hebben nog wel even werk. Minstens vijftien tot twintig jaar’, voorspelt de chef van de supermarkt, die zich geen zorgen maakt.

Het risico van een nucleaire ramp is hier ook geen onderwerp van gesprek. ‘EDF verscherpt steeds opnieuw de veiligheidsvoorschriften, zoals na Fukushima,” betoogt de burgemeester. ‘Maar zelfs na die ramp in Japan leidde dat hier niet tot nieuwe inzichten. We hebben allemaal de centrale bezocht en zijn gerustgesteld. En vergeet niet dat bijna iedereen hier wel wel een familielid heeft die daar werkt.’

Kaarslicht

En de inwoners, kunnen zij nog rustig slapen na Fukushima of Tsjernobyl? ‘Als de boel ontploft, zijn wij de eersten die hier wegvluchten’, lacht Martine, die al dertig jaar in haar huis aan de voet van de koeltorens in het gehucht Biauche woont. ‘Als we ze sluiten, wat moeten we dan? Gaan we dan weer terug naar kaarslicht?’

Afval

Maar er zijn ook andere geluiden. ‘We hebben het er hier gewoon niet over de gevaren, we steken onze kop in het zand,’ zegt Serge Mercadié. Ons egoïsme heeft de overhand. Wanneer er voorlichtingsbijeenkomsten zijn, komen er zo’n twintig mensen op af van wie een derde volksvertegenwoordiger is.’

Het nucleaire afval is natuurlijk wel een probleem’, zegt Clément, 30, die bij RTE werkt. ‘Maar ik heb vertrouwen in de manier waarop in Frankrijk met nucleaire veiligheid wordt omgegaan.’

Logischerwijs maakt Françoise Pouzet, voorzitster van Sortir du nucléaire Berry-Giennois-Puisay, zich meer zorgen. ‘Sommige bewoners, die 70/80 jaar oud zijn, vallen ons soms aan, omdat ze van de hel in de hemel zijn beland. Vroeger was hier niets en nu hebben we allerlei prachtige voorzieningen, zeggen ze. Voor hen zijn er alleen maar voordelen. Maar het zijn de toekomstige generaties die de rekening moeten betalen voor het afval, zolang er geen ongelukken gebeuren.’

Wat stellen de presidentskandidaten voor

Stoppen, vertragen of verhogen van de energieproductie via kernenergie? De voorstellen van de belangrijkste presidentskandidaten:

De bijna-kandidaat Emmanuel Macron (LREM) wil het aandeel van kernenergie in de elektriciteitsproductie terugbrengen tot 50% (70% nu) tegen 2035. Maar hij wil enkele tientallen miljarden in de sector investeren met de bouw van kleine reactoren.

Zijn concurrente ter rechterzijde, Valérie Pécresse (LR), is voorstander van kernenergie en stelt voor de levensduur van reactoren te verlengen tot 60 jaar (40 nu), en zes nieuwe reactoren te bouwen.

Marine Le Pen (RN) wil ook zes EPR’s bouwen en wil de centrale van Fesseinheim heropenen als zij wordt verkozen. Zij had afgelopen najaar om een moratorium op de ontmanteling gevraagd, zodat zij er volgend voorjaar op terug kon komen.

Éric Zemmour van zijn kant stelt voor veertien nieuwe reactoren te bouwen en ook de levensduur van de oudste tot 60 jaar te verlengen.

Nicolas Dupont-Aignan (DLF) is voorstander van elektriciteitscentrales van de toekomstige generatie.

De kandidaat voor EE-LV, Yannick Jadot, stelt voor om tegen 2035 tien reactoren (van de 56) te sluiten.

De socialiste Anne Hidalgo wil van kernenergie af, maar niet voor 2050, en weigert nieuwe centrales te bouwen.

Jean-Luc Mélenchon (LFI) is een felle tegenstander. Hij wil vóór 2040-45 uit de kernenergie stappen door over te schakelen op windenergie, maar vooral op getijdenenergie, om tegen 2050 100% hernieuwbare energie te bereiken.

Christiane Taubira is gematigder, zij wil het aandeel van kernenergie verminderen en stelt een referendum over dit onderwerp voor.

De communist Fabien Roussel wil nieuwe elektriciteitscentrales bouwen en EDF en ENGIE nationaliseren om een groot openbaar energiecentrum op te richten dat de prijzen kan bepalen.

70 keer bekeken

Een drijvende zonne-energiecentrale

Vanaf 2024 zou de grindgroeve van Gravoches en nieuwe bestemming kunnen krijgen. Er is ruimte voor acht hectare aan zonnepanelen. Deze grindgroeve is sinds 2014 al niet meer in gebruik. Maar er zijn nog wel wat haken en ogen aan dit project. Op het terrein is op dit moment een particuliere karper vijver en deze zou dan moeten verhuizen. Zo’n vijver wordt hier een carpodrome genoemd.

Vorige maand heeft La Générale du Solaire het project gepresenteerd voor een drijvend zonnepark in de buurt van het gehucht La Vigne in Gueugnon. Een drijvend zonnepark is een waterplas met zonnepanelen op het water, in combinatie met zogenaamde drijvers. Deze drijvers worden aan de bodem bevestigd zodat het park niet wegdrijft als het waait en er golven ontstaan. Het voordeel van een zonnepark op water is dat het relatief veel energie kan opwekken. De doelstelling op lange termijn is te voorzien in de elektriciteitsbehoefte van 4.400 huishoudens, exclusief verwarming. De plaatselijke bevolking hoorde het verhaal knarsetandend aan.

In de directe omgeving heeft een boerderij net een nieuwe eigenaar gevonden. Landschappelijke inpassing is dus een belangrijke voorwaarde voor de aanvaardbaarheid van het park. ‘We hebben gewerkt aan de best mogelijke integratie van het project in relatie tot deze boerderij,’ zegt Geoffrey Schall, ontwikkelingsmanager bij La Générale du Solaire. ‘Er is een aanplanting van hoge bomen gepland om het park te maskeren,’ verzekert hij. ‘En voor automobilisten die de weg langs het terrein nemen, zal een haag het zicht op het terrein belemmeren. Vanaf de weg zal er dus niks te zien zijn’, verzekert een van de eigenaren van Les Gravoches, Emmanuel de Chargères. Hij heeft de eerste contacten gelegd met La Générale du Solaire in 2020. Hij weet als geen ander waar hij het over heeft. Zijn familie woont in Le Breuil waarvandaan ze zicht hebben op de hele omgeving.

Dit drijvende zonnepark zou tegen eind 2024 geïnstalleerd kunnen zijn. Intussen worden milieu studies uitgevoerd naar de fauna en flora. Er is het afgelopen jaar al een inventarisatie gemaakt. Ten noordoosten van het gebied is een verboden zone vastgesteld. Hier kunnen geen panelen worden geïnstalleerd, omdat hier veel vogelsoorten foerageren.

Hoewel landgebruik een belemmering kan vormen voor de ontwikkeling van zonne-energie, verdedigt Générale du Solaire het belang van haar project in Gueugnon. ‘Wij richten ons op aangetaste locaties, zoals voormalige steengroeven of stortplaatsen,’ dringt Geoffrey Schall aan. Dit is ook wat de staat vereist voor dit soort projecten.

Er zou dan een 40-jarige huurovereenkomst kunnen worden gesloten tussen de particuliere onderneming en de eigenaars, die een huur zouden ontvangen. Bovenal zou de activiteit de plaatselijke autoriteiten aanzienlijke belastinginkomsten opleveren.

Landbouw, een grindgroeve en een privé karper vijver

Tot 2002 was het domein van Gravoches niet meer dan een uitgestrekte vlakte, verhuurd aan een handvol boeren. Dit land was tamelijk vruchtbaar, maar de mogelijkheden waren beperkt: op geringe diepte bevond zich alluvium dat in de loop der tijd was afgezet door de nabijgelegen rivier de Arroux.

Het terrein kreeg daarna een andere bestemming toen de onderneming Bouhet op een oppervlakte van ongeveer twintig hectare een nieuwe grindgroeve ging exploiteren. De winning duurde tot 2014. Door deze exploitatie ontstonden twee meertjes.

Sindsdien heeft het gebied opnieuw en met succes een nieuwe bestemming gevonden: de beste karper vissers van de streek zijn er nu te vinden, onder impuls van het bedrijf Via Carpes, dat Gravoches verhuurt. In vier jaar tijd heeft het bedrijf grote investeringen gedaan in het uitzetten van vis.

Tussen Gueugnon en Rigny-sur-Arroux zijn de voormalige grindgroeven bestemd voor drijvende zonne-energie centrales. Op de linkeroever van de Arroux worden nog eens zes meertjes bestudeerd. Een deel van deze gebieden worden momenteel gebruikt voor visserij.

Als het project doorgaat, zullen 1.200 karpers een nieuwe bestemming moeten vinden

David Gey, die het terrein de afgelopen vier jaar heeft gehuurd, is niet bepaald blij met dit vooruitzicht. In deze 21 hectare heeft hij enorm geïnvesteerd, zodat hij een terrein kan aanbieden waar karper vissers dol op zijn. De voormalige grindgroeve zou 1.200 karpers bevatten, waarvan de grootste meer dan 20 kg wegen. Tijdens het zomerseizoen verwelkomt zijn bedrijf Via Carpes een trouwe klantenkring. Indien het project van de drijvende zonne-energie centrale wordt verwezenlijkt, loopt zijn huurcontract af in 2024. ‘De eigenaar is de baas, hij kan doen wat hij wil met zijn land,’ zegt David fatalistisch. ‘Natuurlijk had ik hier graag iets natuurlijks gehouden. Mij is verteld dat dit project geen gevolgen zal hebben voor het milieu. Maar we hebben nog niet genoeg ervaring om daarvan overtuigd te zijn.’

Op zoek naar een nieuwe plek

David Gey is al begonnen met het zoeken naar een nieuwe locatie, ‘in Saône-et-Loire, of zo nodig nog verder weg. Wij hebben alle notarissen aangeschreven om een beschikbaar stuk water te vinden dat ons past, tussen de 20 en 40 hectare. En deze keer is huren niet aan de orde, ik ga iets kopen’. Verhuizen zou betekenen dat alle karpers van Gravoches moeten worden overgebracht. ‘Mijn vissen zijn kostbaar en ik zal ze lang niet allemaal veilig kunnen overzetten’, betreurt David Gey. Hij heeft de hele operatie, die met behulp van grote netten zal worden uitgevoerd, al in kaart gebracht.

Intussen hoopt de huurder zijn activiteit in Gueugnon te kunnen voortzetten, mocht het zonne-energieproject mislukken. ‘In de laatste paar jaar hebben we een lange weg afgelegd. Dit stuk water is een geweldige plek om de vissen kuit te laten schieten. Het zou zonde zijn om hier te stoppen.’

Aart Sierksma

Bron: Une centrale solaire flottante est à l’étude aux Gravoches [Noémi Predan]

133 keer bekeken

Plannen voor de bouw van intensieve pluimveebedrijven

Er zijn twee intensieve kippenstallen gepland in de gemeenten Saint-Brancher en Saint-Léger-Vauban. Een aantal omwonenden maakt zich zorgen en komt in verzet. Wie zijn de eigenaren van deze pluimveeboerderijen?

Het gaat om projecten die DUC uitvoert met twee jonge plaatselijke landbouwers, Jérémy Couhault in Saint-Aubin, in de gemeente Saint-Brancher en Benoît Châtelain in Maison des Champs, in de gemeente Saint-Léger-Vauban. Duc is een Frans bedrijf dat in 1990 is opgericht en gespecialiseerd is in de productie, het slachten, het verpakken en het op de markt brengen van verwerkt, gecertificeerd en standaard gevogelte. Het hoofdkantoor is gevestigd in Chailley (Yonne). Het bedrijf werd in 2017 overgenomen door de Nederlandse groep Plukon. Het grootste deel van de productie zit in het westen van Frankrijk, maar het bedrijf is begonnen om deze productie naar het oosten te verplaatsen.

Wat zijn de kenmerken?

Ieder pluimveebedrijf huisvest 39.600 kippen op een oppervlakte van 1.800 m², d.w.z. 21 kippen per vierkante meter. In dit gebied zijn ook al andere pluimveebedrijven actief. Er zouden nu in een straal van 3 kilometer bijna 62.000 extra kippen bijkomen.

Deze pluimveestallen, die elk 600.000 euro kosten, komen voor rekening van de betreffende boer. Op de eerste dag van de exploitatie tekent de boer een contract met het DUC. Het bedrijf levert de kippen en voorziet ze van voer en komt ze 41 dagen later ophalen. Dit gaat zo door tot de boer zijn lening heeft afbetaald.

Waarom was er een openbare vergadering?

Wanneer een pluimveebedrijf meer dan 40.000 dieren telt, moet er wettelijk eerst een openbaar onderzoek gedaan worden, waarna de prefect een exploitatievergunning afgeeft. Het bedrijf in Saint-Aubin blijft net onder die grens en heeft daardoor dus niet te maken met deze procedure. De gemeenteraad moet hier een bouwvergunning voor afgeven. De burgemeester van Saint-Brancher, Joëlle Guyard, besloot daarop eerst een openbare vergadering te houden om de bevolking te informeren.

Het bedrijf van Saint-Léger Vauban wordt wel aan een openbaar onderzoek onderworpen. Het heeft weliswaar maar 39.600 kippen, maar een andere stal met 22.000 stuks op dezelfde plaats brengt het totaal op 61.600. Dit openbaar onderzoek is in volle gang. Het volledige dossier kan worden gedownload van de website van de prefectuur.

Waar maken de omwonenden zich zorgen over?

De toename van het wegverkeer. Waar wordt de mest uitgereden.

Het gaat niet alleen over stank maar ook over de gevolgen voor het omringende water’, onderstreepte Nathalie Millet, burgemeester van Bussière. ‘Ik ben hier op persoonlijke titel. Onze gemeente ligt in het uitrijgebied van het project Saint-Léger. Met meer dan 60.000 kippen in deze omgeving zal op een gegeven moment het grondwaterpeil worden aangetast.’

Daniel Lulic, voorzitter van de AAPPMA (une Association Agréée pour la Pêche et la Protection du Milieu Aquatique) Avallon Morvan Pêche, voegde hieraan toe: ‘Vanuit milieuoogpunt vragen wij ons af hoe dit verder zal gaan. Er zijn nu al te veel kippen en wij maken ons zorgen over de rivier de Trinquelin.’

Le Parc du Morvan, waar Saint-Brancher vorig jaar bij is gekomen, werd vertegenwoordigd door Christian Guyot: ‘Er is ook nog de kwestie van levensvatbaarheid. In het handvest van het park staat dat we boeren ondersteunen om zich in het gebied te vestigen. Maar deze activiteiten komen niet overeen met de bijzonderheden die in het handvest staan.’

Of het nu 18, 21 of 22 kippen per vierkante meter zijn, het is onaanvaardbaar’, merkte een deelnemer aan de vergadering op, terwijl anderen verontwaardigd waren over het gebrek aan daglicht in het gebouw.

We mogen allemaal onze mening geven, iedereen heeft het recht om het er niet mee eens te zijn, maar de wetgever heeft normen vastgesteld en die zullen uiteindelijk de doorslag geven,’ antwoordde Edith Foucher, hoofd milieu en irrigatie van de Landbouwkamer.

Wat zeggen de boeren?

Wij verdienen hier ons brood mee en we moeten ons hoofd boven water kunnen houden,’ zegt Benoît Châtelain. ‘In tegenstelling tot wat de mensen zeggen, is het niet iets dat met één pennenstreek geregeld is, alle voors en tegens zijn afgewogen, we werken al vier jaar aan dit project.’

Philippe Lapie, hoofd vleesontwikkeling bij DUC, wil transparant zijn: ‘We gaan voorzichtig te werk, we willen alleen het goede. Het is mijn taak om uit te zoeken met welke producenten we in zee gaan.’

Wat zijn de volgende stappen?

Wat het project van Saint-Léger betreft, de onderzoek commissaris zal na het openbaar onderzoek een advies uitbrengen, waarna de prefect via een decreet zal besluiten al dan niet toestemming te verlenen voor de operatie.

Voorlopig wordt het project in Saint-Brancher geblokkeerd door de stedenbouwkundige dienst. De helft van het terrein waarop het project zou worden gebouwd is aangemerkt als zone die niet voor bebouwing in aanmerking komt. Een herindeling van het perceel is nog wel mogelijk op verzoek van het gemeentebestuur van Saint-Brancher, waar Saint-Aubin onder valt. De gemeenteraad zal later bijeenkomen om de kwestie te bestuderen, voordat het eventueel een bouwvergunning af kan geven.

Aart Sierksma

Bron: Des projets de poulaillers inquiètent les riverains à Saint-Léger-Vauban et Saint-Brancher [Myriam Deborbe]

312 keer bekeken

Kaalslag dreigt voor 200 hectare bos bij Larochemillay

Een van de mooiste bosmassieven van het Regionaal Natuurpark de Morvan, in een Natura 2000-gebied, is de Mont Touleur bij Larochemillay. Dit bosgebied is tegelijkertijd een toegangspoort tot Bibracte – Mont Beuvray, een belangrijke archeologische vindplaats die elk jaar door tienduizenden toeristen wordt bezocht.

Een Deense holding die gespecialiseerd is in naaldbomen heeft 90% van de aandelen van dit domein in handen en is van plan 200 hectare te kappen (d.w.z. meer dan de helft van de oppervlakte van de Mont Touleur).

Deze praktijk, waar in Frankrijk veel kritiek op is, is in een aantal Europese landen zoals Zwitserland en Slovenië al verboden en met reden! Zij ruïneren het landschap, het erfgoed, de biodiversiteit, de bodem, de loop van de rivieren en de waterkwaliteit (waarvan vele landbouwbedrijven en woningen afhankelijk zijn). Zij leveren met deze kaalslag ook bepaald geen bijdrage aan het verminderen van de gevolgen van de klimaatverandering (bodemerosie, droogte en branden in het bijzonder).

Er bestaan mogelijkheden om het anders te doen: de PRO SILVA-methode bijvoorbeeld, die door veel bosbouwers in Frankrijk en in veel Europese landen wordt toegepast. Pro Silva staat voor kleinschaligheid en geleidelijk ingrijpen. Er wordt pas overgegaan tot verjonging wanneer een deel van het bos niet meer bijdraagt aan de doelen. Dit kan zijn omdat de bestaande bomen onvoldoende productierendement opleveren of de natuurwaarden te wensen overlaten.

Ondanks onze waarschuwingen heeft de nieuwe eigenaar in de pers zijn voornemen bevestigd om ten minste 10 hectare te kappen en daarna voor nieuwe aanplant te zorgen. Ze noemen dat enrésinement. In strikte zin is enrésinement het proces van ‘transformatie’: de volledige of gedeeltelijke vervanging van een loofbomenbos door naaldbomen.

In het licht van de tekortkomingen van de wetgeving mobiliseren wij ons tegen deze praktijken:

Nee tegen kaalslag

Nee tegen de herbeplanting met naaldbomen van de Mont Touleur

Laten we de loofbossen van de Morvan behouden

Teken de petitie

Verdere informatie is te vinden op:

http://alerteforettouleur.fr/

Aart Sierksma

Bron: Préservons le Mont Touleur à Larochemillay – 200 hectares menacés de coupes rases!

1427 keer bekeken

De RN7 wordt een vierbaansweg

In 2024 zal de RN7, de langste Route Nationale van Frankrijk, volledig vierbaans zijn in de Nièvre. Tijdens een bezoek aan Nevers op vrijdag 21 mei konden de politieke kopstukken de vorderingen van dit project zien. De bezichtiging werd op dezelfde dag georganiseerd als het bezoek van Macron aan Nevers. Voor de voorzitter van de regio Bourgogne-Franche-Comté, Marie-Guite Dufay, was dit een mooie gelegenheid om extra aandacht voor dit project te krijgen. Maar liefst twaalf politici uit de regio vergezelden haar, waaronder de prefect van de Nièvre, Daniel Barnier.

De RN7 volledig vierbaans? Het is een droom die lijkt uit te komen voor de inwoners van de Nièvre. Het idee werd 40 jaar geleden geopperd door Pierre Bérégovoy, de toenmalige burgemeester van Nevers. Uit onderzoek blijkt zelfs dat de eerste voorstellen voor dit project al dateren uit 1963.

De werkzaamheden vorderen gestaag’, deelde Renaud Durand, adjunct-directeur van Dreal ((Direction régionale de l’environnement, de l’aménagement et du logement) mee. ‘Het deel waar nu hard gewerkt wordt is 4,5 kilometer lang en ligt tussen Saint-Pierre-le-Moûtier en het zuiden van Chantenay-Saint-Imbert. Het zal medio 2022 worden aangesloten op de reeds in gebruik zijnde vierbaans RN7. We zijn redelijk optimistisch. Er zijn geen verdere vertragingen en denken het project op tijd op te kunnen leveren’, voegt hij eraan toe.

De voorzitter van het Gewest windt er geen doekjes om: ‘Het werd ook wel eens tijd. Het heeft allemaal zo verschrikkelijk lang geduurd. We zijn allemaal heel blij om te zien dat de werkzaamheden nu ten einde lopen. Als het nog eerder opgeleverd zou kunnen worden dan gepland, zou dat helemaal fantastisch zijn. Maar goed, laten we hopen dat we nu geen vertragingen meer krijgen.’

Ken Mottin, projectmanager, legt uit waarom de uitvoering van een dergelijk project zo lang duurt: ‘Naast het leggen van asfalt zijn milieunormen een belangrijk onderdeel van dit soort projecten. Zo moeten er bijvoorbeeld vijvers aangelegd worden om het afvalwater op te slaan. Ook moeten er groene buffers komen om het wild te beschermen. Al deze voorzieningen maken deel uit van het project.’

De laatste vijf kilometer in 2022

Wanneer deze fase van de werkzaamheden is voltooid, zal er nog slechts 5 kilometer overblijven om de ongeveer 120 km van de vroegere RN7 in de Nièvre, volledig van 2×2 rijstroken te voorzien. ‘Als alles goed gaat, zullen ze we het project in 2024 kunnen afronden’, zegt Philippe Lefranc, hoofd van de afdeling vervoer en mobiliteit bij Dreal.

Als ook de Allier zou overgaan tot verbreding van de RN7 zou er een volledige vierbaansweg tussen Parijs en Zuid-Frankrijk kunnen worden gerealiseerd.

De kosten.

Er is 79,55 miljoen euro uitgetrokken om de weg tussen Saint-Pierre-le-Moûtier en de Allier van vier rijstroken te voorzien. De staat financiert 70% van het project, het departement 15% en de regio eveneens 15%.

Dagelijks maken 35.000 voertuigen gebruik van deze route, waarvan 35% zware vrachtwagens zijn.

Aart Sierksma

Bron: La Nièvre traversée d’une traite en 2×2 voies d’ici 2024 via la RN7 [Simon Dubos]

706 keer bekeken

Het windmolenpark van Santigny gaat niet door

De prefectuur van de Yonne heeft de knoop doorgehakt. Het windmolenpark van Santigny kan niet doorgaan. De weigering om een vergunning te verlenen is gebaseerd op de aanwezigheid van een beschermde diersoort: de zwarte ooievaar.

3 windturbines

Het plan was om drie windturbines te installeren in de buurt van de gemeente Santigny in het kader van een project dat in 2015 door de gemeente is opgestart. Deze gevaartes zouden 200 meter hoog worden met een vermogen van 33,2 GW, goed voor het elektriciteitsverbruik voor ongeveer 6.000 huishoudens.

1,2 hectare

Ongeveer anderhalve hectare bos zou gekapt moeten worden in de buurt van Santigny.

257 plantensoorten

In het gebied waar de windturbines zouden worden geplaatst, zijn tijdens de studie naar de effecten 257 plantensoorten geïnventariseerd. In een document dat in augustus 2020, een maand voor de opening van het openbaar onderzoek, door Abowind is gepubliceerd (het bedrijf dat het project uitvoert) staat: ‘De locatie waar de windturbines geplaatst gaan worden kent geen problemen wat betreft flora en kleine fauna. Bij de inventarisatie van de flora zijn 257 soorten of ondersoorten geïdentificeerd, waarvan geen enkele een beschermde status heeft. In het gebied zijn geen wetlands of aquatische milieus (milieus die zich gedeeltelijk of geheel onder water bevinden) waargenomen, die aan regelgeving zijn onderworpen’. In de studie wordt melding gemaakt van de aanwezigheid van enkele erfgoedplanten in het gebied, maar bij de installatie van de windturbines worden kwetsbare sectoren voor kleine fauna en flora vermeden.

Twee ooievaarsnesten

Er zijn wel twee ooievaarsnesten gevonden in de buurt van de plaats die voor de drie masten is gekozen. Deze soort (zwarte ooievaar) wordt als rood geclassificeerd op de lijst van bedreigde soorten in Frankrijk. De LPO-website (Ligue pour La Protection des Oiseaux) zegt: ‘Bedreigde broedparen en een kwetsbare passerende populatie,’ In 2019 zijn in Frankrijk tussen 70 en 90 paren geteld, waarvan slechts een tiental in de Bourgogne Franche Comté.

20 km

Het essentiële woongebied van de zwarte ooievaar bestaat uit zo’n twintig kilometer rond zijn nest. In het besluit benadrukt de prefectuur dat de afstand tussen het nest en de eerste windmolen slechts 3,7 kilometer is. Als één vogel sterft wordt de instandhouding van de soort op lokaal niveau al bedreigd.

De reacties

Bruno Charmet, voorzitter van l’association de sauvegarde de la haute vallée du Serein: ‘Ik ben tevreden met deze logische beslissing, gezien de ecologische context. Bij ieder ander besluit waren we in hoger beroep gegaan’.

Xavier Courtois, voorzitter van de communauté de communes du Serein, die onlangs een moratorium over het onderwerp windenergie aankondigde: ‘Het is een verdeeld onderwerp, waar de ja-stem in de gemeenteraad met een minieme meerderheid had gewonnen’.

Sylvie Charpignon, burgemeester van Santigny, die het project tijdens het debat had verdedigd, verklaarde dat zij niet wilde reageren op het besluit dat zij naar eigen zeggen nog niet op het gemeentehuis had ontvangen.

Op de vraag of Abowind al dan niet van plan is administratief beroep aan te tekenen tegen dit besluit, antwoordde een woordvoerder van het bedrijf: ‘Intern zijn wij bezig met de behandeling van de zaak om te zien welke actie wij zullen ondernemen’.

Aart Sierskma

Bron: Pourquoi le projet éolien de Santigny a-t-il été refusé par le préfet de l’Yonne?

448 keer bekeken

Ontdek Auxerre vanuit een elektrisch bootje

Vanaf mei is het mogelijk om een elektrisch bootje te huren in Auxerre, maar het heeft aardig lang geduurd voordat de gang er een beetje in kwam.

Ze varen al 20 jaar op de Yonne en het canal du Nivernais. Kleine elektrische bootjes, beheerd door het toeristenbureau en vervolgens door het Maison du vélo. Ze zijn een onderdeel geworden van het zomerlandschap.

Een ongewone manier om Auxerre te ontdekken al moet je er wel even de tijd voor nemen: de topsnelheid is 9 km/u. ‘We zagen een bootje varen toen we op de kade stonden en zeiden tegen elkaar: dat willen wij ook’, legt een familie uit het departement de Ain uit voordat ze aan boord gingen. ‘Dit is een mooie kans om ons een dagje met de hele familie te vermaken en dan ook nog zonder moe te worden.’

Boten aan de kade

Het seizoen, dat tot eind september loopt, is een speciaal seizoen geworden voor de beheerders van deze vloot. Door de Covid-crisis en de lockdown zijn de boten lange tijd aangemeerd gebleven.

We zijn dit jaar pas op 11 mei gestart’, legt Jean-Philippe Duret, een van de leden van het Maison du vélo-team, uit. Maar op dat moment waren er geen klanten: de kades en het Parc de l’Arbre sec aan de Yonne waren gesloten. In juni begonnen de activiteiten heel geleidelijk op gang te komen en vanaf half juli liep het weer zoals van ouds. Ik denk dat we tot eind september open blijven. Hopelijk hebben we volgend jaar een normaal seizoen en hoeven we niet te verdwijnen.’

Maison du vélo d’Epinal © JF Hamard

Of het nu gaat om het verhuren van boten of om de hoofdactiviteit, namelijk het verhuren van fietsen, het seizoen is pas in juli op stoom geraakt. ‘In deze branche is het zo dat hoe meer boten er varen, hoe meer ze gezien worden, hoe meer ze gevraagd worden’, vat Jean-Philippe Duret samen. ‘We konden op een gegeven moment de vraag zelfs niet meer aan. We adviseerden de mensen om vooraf te reserveren. Niet gemakkelijk natuurlijk in zo’n periode na de lockdown, waarin we alles uit de kast wilden halen. We hadden er dagen tussen zitten dat er wel dertig blauwe bootjes uitvoeren.’

 

Stad of platteland

Hoe komt het dat dit zo’n succes is geworden? ‘Het is een leuke manier om met de familie een dagje door te brengen. Kinderen kunnen het roer overnemen en een stukje varen. En je hebt de mogelijkheid om Auxerre eens van een heel andere kant te bekijken, zo van het water. Het is ook nog eens een prachtige stad. En wat het extra leuk maakt is dat je van de stad via het stadion en de Auxerre-expo ook naar het achterland kunt varen. Twee gezichten en twee totaal verschillende sferen van Auxerre en haar omgeving.’

Aart Sierksma

Bron: Auxerre se découvre autrement grâce aux petits bateaux électriques [Marc Charasson]

 

532 keer bekeken

Kerstbomen

We gaan geen dode bomen in het centrum neerzetten?’ De burgemeester van Bordeaux, Pierre Hurmic, zette met deze verklaring de kerstboomstrijd in vuur en vlam.

Of het nu gaat om de Tour de France in Lyon of de kerstboom in Bordeaux, de nieuwe milieubewuste burgemeesters nemen geen blad voor de mond. En de onderwerpen stapelen zich op. Vaak heeft het te maken met radicale ideeën tegen Franse tradities of het streven naar een nieuwe groenere aarde? Dit keer zijn de producenten van kerstbomen in de Morvan de klos.

CO2-opname

De familiekwekerij van Jean-Christophe Bonoron produceert al 50 jaar kerstbomen in de Haut Morvan en sinds zeven jaar is hij de leverancier van DE boom, die met Kerstmis op de binnenplaats van het Elysée wordt geplaatst: ‘Ik vind het erg onnozel om een kerstboom te gaan verbieden. Iedereen weet toch dat dat een normaal cultuurgewas is. We kappen de boom om en planten een nieuwe. De Élysée-boom wordt niet gekapt in het bos, het is gewoon een gekweekte boom.’

Jean Christophe Bonoron, die tevens vice-voorzitter is van de Association française pour les arbres de Noël naturels, begrijpt het voorstel van de burgemeester van Bordeaux niet. ‘Wij, de producenten, houden ons al veel bezig met ecologische kwesties. We hebben veel respect voor het milieu. De boom is een zelfstandig groeiend gewas. We bevloeien onze gewassen niet en de bomen absorberen veel kooldioxide. Het CO2 eindresultaat van een kerstboom is buitengewoon positief.’

Om de kwaliteit van de sparren in de regio te bevorderen, heeft Jean-Christophe Bonoron ook het voorzitterschap van de gloednieuwe afdeling Sapin du Morvan met de beschermde geografische aanduiding indication géographique protégée (IGP) op zich genomen, die binnenkort van start gaat.

Onze tradities

Zou er een nieuwe trend kunnen ontstaan en is het te verwachten dat de natuurlijke kerstboom uit de tijd raakt? Jean-Christophe Bonoron gelooft er niks van. ‘Kun je je de teleurstelling van een kind zonder kerstboom voorstellen? Het maakt deel uit van onze tradities, het brengt ons terug naar onze roots. We gaan de kerstboom nog lang niet afschaffen.’

Tijdens een bijeenkomst van professionals vorige week bleek dat de vraag naar kerstbomen zelfs toeneemt. ‘We hebben veel bestellingen in het voorseizoen gehad’, vervolgt de kweker. ‘Na de lastige Covid-periode willen mensen weer samenkomen en met hun familie kerst vieren.’

En tot op de dag van vandaag heeft het Élysée geen contact opgenomen met Jean-Christophe om te stoppen met DE kerstboom, die elk jaar door de association Française du sapin de Noël naturel wordt aangeboden aan het Élysée.

Kort:

De kerstboomteelt vertegenwoordigt 1.000 vaste banen, plus 5.000 seizoenarbeiders tijdens de intensieve werkperiode (7 banen per 100 hectare).

Het aantal verkochte natuurlijke kerstbomen in Frankrijk wordt geschat op 6,1 miljoen.

De Franse productie bevindt zich voornamelijk in de Morvan, de belangrijkste productieregio met een miljoen bomen op 1.500 hectare, wat neerkomt op een kwart van de nationale productie.

2 miljoen sparren worden geïmporteerd uit België (60%) en Denemarken (25%).

Het duurt 5 tot 10 jaar, afhankelijk van de gewenste grootte, om een kerstboom te verkrijgen. Deze productie wordt beschouwd als een landbouwactiviteit.

Cijfers van het Ministerie van Landbouw en Voedselvoorziening (2019).

.

Aart Sierksma

Bron: Sapins de Noël: une polémique incompréhensible pour les producteurs [Alice Emorine]

1035 keer bekeken

Voor of tegen uitbreiding van een varkensfokkerij

Vertaald uit FR naar NL

Tot 8 november kan iedereen zijn mening geven over de nieuwbouw in Sichamps.
De exploitant wil een nieuw gebouw plaatsen, omdat de huidige varkensschuur op instorten staat. Hij heeft een verzoek ingediend bij het departement van de Nièvre. De varkenshouderij gaat hiermee een nieuwe fase in. Omdat het een milieubelastend bedrijf betreft, komt er een openbare raadpleging. Informatie is te vinden  op de website van het departement van de Nièvre.
“De installatie in Sichamps is aftands. Het staat er al meer dan dertig jaar”, legt Julien Briant van Hypor France uit. (een organisatie die de genetische vooruitgang in de varkenshouderij wil bevorderen, waaronder ook de installatie van Sichamps valt). “Wij willen niet dat onze werknemers ook maar enig risico lopen. Je moet blijven vernieuwen.” Lees meer

233 keer bekeken

De Niévre, nieuw windmolengebied

Vertaald uit FR naar NL

Windmolens, in de hele Niévre schieten ze als paddenstoelen uit de grond. Op sommige plekken draaien de molens al, zoals bij Clamecy, en op andere plaatsen vindt alleen nog maar onderzoek naar mogelijkheden plaats. Want ondanks de weinige wind staat de Niévre volop in de belangstelling van bedrijven als Éole-RES, Nordex, Intervent, VSB en Global Windpower, die zich allemaal bezig houden met de ontwikkeling van windmolenparken. Het gaat om de volgende acht locaties. Lees meer

431 keer bekeken