Contributie 2020

Recent heeft iedereen waarvan het emailadres bij BZ bekend is, een mail ontvangen met daarin het verzoek de contributie voor 2020 te betalen. Alle overige abonnees ontvangen binnenkort een verzoek per post.

Betalen kan dit jaar voor het eerst ook via ideal en paypal.

Het abonnementsgeld voor 2020 is:

30,- voor leden die het blad in Nederland of Frankrijk ontvangen.

35,- voor leden die het blad in België ontvangen

De contributie voor 2020 kan betaald worden door:

  1. Het bedrag over te maken op:

Credit Agricole CENTRE-EST in Autun
IBAN: FR76 1780 6002 5004 1446 5553 805 / BIC AGRIFRPP878
t.n.v. Assoc. Bourgondische Zaken

O.v.v. uw naam (de naam waar het abonnement op vermeld staat) en woonplaats.

Let op: het nummer van Caisse d’Epargne is opgeheven.

 

  1. Een cheque te sturen naar:

Bourgondische Zaken

Domaine les Sauges

71190 Dettey

Frankrijk

 

  1. Te klikken op deze link: https://www.bourgondischezaken.com/verlengen-abonnement/

 

log in met uw inlognaam en password en kies voor een betalingsvorm naar keuze(o.m. Ideal, Paypal en creditcard)

 

Mocht u verder nog vragen hebben, neem dan contact met ons op via ledenadministratie@bourgondischezaken.com

Vogels in de Morvan

Elke week heeft Le Journal De Saône Et Loire een interessant artikel over de geschiedenis van dit departement. Dit keer heb ik een studie over vogels en roofvogels uitgekozen waarvan de documentatie te vinden is in de bibliotheek van Anost.

Het grondgebied van de Morvan staat bekend om zijn vele verschillende soorten vee. Minder vaak wordt aandacht besteed aan de Morvan als het land van de vogels. In een onderzoek dat in 1997 werd uitgevoerd, werden in de Morvan bijna 230 soorten geregistreerd, waaronder 123 broed- en 26 overwinteringssoorten.

Naast houtsnip 

watersnip

uil, koekoek

torenvalk, steenuil, klauwier

ruigpootuil

slechtvalk

graspieper

ijsvogel

etc. zijn er nog vele andere vogels en roofvogels.

Bruine kiekendief

Zijn kop is lichter dan zijn rug en het mannetje heeft een asgrijze staart, terwijl het vrouwtje meer bruin is. In de lucht zijn ze te herkennen aan hun trage cirkelvormige glijbewegingen boven natte gebieden. Ze jagen in open gebieden. Hun voedsel bestaat vooral uit amfibieën.

Roofvogels van de nacht

Er zijn veel soorten roofvogels die uitsluitend in het donker uitvliegen. Hun kenmerken zijn: grote koppen met opvallend grote ogen die honderd keer beter zien dan die van de mens. We hebben het natuurlijk over de prachtige, mysterieuze uilen, die huizen op zolders van gebouwen en kerken en zich voeden met woelmuizen en spitsmuizen.

De ransuil

Met zijn mooie oranje ogen onder zijn twee rechtopstaande oren en zijn bruine verenkleed met de schutkleur van de bast van een boom. De ransuil is ongeveer zo groot als een merel.

De velduil

De enige nachtelijke roofvogel die een nest op het land bouwt en zich alleen voedt met veldmuizen.

De Morvan blijft een van de belangrijkste gebieden voor het behoud en de bescherming van deze soorten.

Aart Sierksma

Bron: Les oiseaux et les rapaces peuplent les communes du Morvan [Claude Chermain]

In Arthonnay produceert Gabriel Taviot houtskool.

Gabriel Taviot zet een oude traditie van houtskool bereiden voort. Een techniek die hij van zijn tante heeft geleerd en die hij deelt met zijn vrouw Laurence. 5000 jaar geleden werd deze techniek al toegepast.

Het klinkt net als glas,’ zegt Gabriel Taviot. Tegenover hem, op zijn bureau liggen drie stukken houtskool. ‘Het is niet zomaar houtskool hoor, dit is echt hoogwaardige houtskool. Het is niet zwart maar grijs en je handen worden er niet vies van’ zegt hij.

Zijn hoofdactiviteit is de zagerij en de houthandel. Hij is ongetwijfeld een van de laatste die dit zeer oude gebruik onder de knie heeft.

Het principe van een vulkaan

Het is een methode die teruggaat tot 3300 jaar voor Christus. Het is het principe van een vulkaan,’ legt hij uit. ‘Een centrale schoorsteen wordt gebruikt om de molensteen te verhitten. Het enige dat nodig is, is een sintel die door de schoorsteen wordt gegooid. Het gaat na een tijdje roken als een uitbarstende vulkaan. Op dat moment sluit je de schoorsteen af en het verhittingsproces van hout tot houtskool gaat starten. Als het onderaan breekt, weet je zeker dat het houtskool is geworden. Van de 20 ton hout (gemiddeld) blijft er twee ton houtskool over.’

Gabriel en Laurence laten ons met veel plezier en toewijding hun werk zien. ‘Laten we beginnen met de schoorsteen. Het hout is gemonteerd op een stellage van drie tot vier meter op een hoogte van anderhalve meter. Daar is het bedekt met rottend stro en aarde. We gebruiken beuk, esdoorn, haagbeuk en boomschors. We krijgen ook wat overblijft van andere houtzagerijen. Na 72 uur verhitten is de houtskool klaar. Het levert twee keer zoveel op als industriële houtskool,’ zegt Gabriel. ‘Het hout heeft meer dan 90% van zijn water verloren en het koolstofgehalte ligt dicht bij 90%. De kwaliteit is echt superieur.’

Theeceremonie, Eurodisney en de smederij van Guédelon

Gabriel Taviot produceert dus meer dan vijftig ton houtskool per jaar. De klanten zijn voornamelijk particulieren, ook al heeft de concurrentie van gas-barbecues de markt doen dalen. Maar deze kwaliteits-houtskool wordt ook gebruikt in smederijen, in restaurants, in Eurodisney en zelfs voor Japanse theeceremonies. En ook om de Guédelon-smederij, die van maart tot november non-stop aangestoken blijft, van brandstof te voorzien. ‘Het verbranden van onze kolen duurt veel langer.’

De traditie zou eigenlijk voortgezet moeten worden. Onze zoon doet op dit moment een bosbouw opleiding en zou zich in de toekomst bij het familiebedrijf moeten aansluiten. Hij heeft de passie. Hij is net als ik en is nergens bang voor.’

Aart Sierksma

Bron: À Arthonnay, Gabriel Taviot produit du charbon de bois comme il y a plus de 5.000 ans

Langue de bois en langue de coton

Samenbouwen, synergie, structurerend project, multifactoriële aanpak, gecoördineerde reacties… Allemaal lege woorden die eigenlijk niets zeggen en waarvan we graag een concrete beschrijving wensen’, zegt Samir Bajric, hoogleraar taalkunde aan de Universiteit van Bourgogne, die probeert de raadselachtige begrippen uit de titel te ontcijferen.

Vooral tijdens verkiezingscampagnes zijn er mooie voorbeelden van te horen. Ze worden vaak bedacht door specialisten die onze gekozen vertegenwoordigers voorzien van speeches. Maar ook lokale politici, vertegenwoordigers van verenigingen en bedrijven maken gretig gebruik van dit soort understatements. Holle frasen aangevuld met modieus taalgebruik zorgen er voor dat lezers, toehoorders en gesprekspartners steeds vaker afhaken.

François Diot, raadslid in Nevers, mag graag op Facebook de spot drijven met de gebruikers van dit soort taalgebruik. Het laatste voorbeeld tot nu toe is de stemming in de raad over: het protocol voor het industriegebied van Nevers Val de Loire in het kader van een strategie van industriële herovering en territoriale ontwikkeling. Wie het snapt, mag het zeggen. ‘Dit soort voorstelling van zaken wil graag de indruk wekken dat wij (de gezagsdragers) er wel voor zorgen dat alles in orde komt. Holle woorden als parels aaneengeregen’.

De uitdrukking langue de bois is in de 20e eeuw ontstaan en hieruit is weer de uitdrukking langue de coton voortgekomen. De eerste komt voor in zo’n beetje alle Europese talen. In het Nederlands noemen we het: om de hete brij heendraaien. De tweede (langue de coton) komt bijna alleen in de Franse taal voor. Het verschil tussen die twee is eerder een kwestie van mate dan van inhoud. De langue de bois komt veel vaker voor dan de langue de coton.

Wat is het verschil tussen die twee        Samir Barjric

Het gebruik van langue de bois zou je het beste kunnen omschrijven als een ontwijkingsstrategie, een manier om met woorden een ontsnappingsroute te vinden. Het staat dicht bij politieke correctheid. Het politiek discours is de bakermat van het gebruik van langue de bois, want politiek is vaak de kunst van het ontmoedigen, maar ook van het overtuigen en soms van het verdrinken van de vis’. Marc Baratin, professor linguïstiek, schreef: ‘Wie de taal beheerst, beheerst de wereld.

Met het gebruik van langue de coton gaan we een stap verder, een stap in het vermijden van het essentiële. Met langue de bois kun je nog vermijden te zeggen wat je dwars zit, om de hete brij heendraaien. Met langue de coton verzand je in deze vermijding door allerlei voor de hand liggende termen te gebruiken en dus eigenlijk niks te zeggen. Een voorbeeld: Franse vrouwen en mannen willen zo comfortabel mogelijk leven.’

 

Hoe verklaart u het feit dat dit eigenlijk een vorm van misleiden is

Het gebeurt over de hele wereld. Het werd gepopulariseerd in de tijd van de voormalige Sovjet-Unie. In de jaren tachtig bleek na uitgebreid onderzoek echter dat de effectiviteit ervan afnam. De mensen van nu, gezegend met individuele vrijheden en vrijheid van meningsuiting, willen niet meer voor de gek gehouden worden. Zij willen begrijpen wat er gezegd wordt en slikken niet alles meer voor zoete koek. Langue de coton komt minder vaak voor dus. Als een welbespraakte politicus nu gebruik maakt van langue de coton, neemt hij een groot risico. De mensen zullen snel doorhebben dat ze voor de gek worden gehouden.’

Waarom gebruiken politici ze zo veel

Interpretatie wordt moeilijker als er betekenisloze woorden worden gebruikt. Een toespraak kan bewust moeilijk te begrijpen zijn voor de toehoorders. We noemen dit manipulatie van de massa. Als een administratieve tekst ondoorzichtige termen gebruikt, zal de gemiddelde burger deze niet kunnen interpreteren. Deze manipulatie kan opzettelijk zijn. Een gekozen politicus kan met opzet het essentiële willen verbergen, maar het kan ook zijn dat hij het, zonder het te weten, overgenomen heeft van een ander. De president van de regio Bourgogne-Franche-Comté, Marie-Guite Dufay, blinkt uit in de kunst van de langue de coton. Lees haar recente tweet: ‘Al het beleid dat ik voer gaat over het feit dat iedereen in deze samenleving erbij hoort. Broederschap voor iedereen’. We kunnen het alleen maar met haar eens zijn. Ook bedrijven bedienen zich vaak van dit soort taalgebruik: ‘Onze verwijzing naar de doelstellingen van duurzame ontwikkeling wordt sterk bevestigd in al ons overheidsbeleid, gevolgd door een proces van extrafinanciële beoordeling, waarbij het gewest nu proactief is’. Vertaling alstublieft!!’

Nog een paar voorbeelden       

Plan voor behoud van werkgelegenheid. Beter bekend als het sociaal plan. Het is inderdaad moeilijk om tegen een plan in te gaan dat zich voordoet als het willen behouden van werkgelegenheid, terwijl het in werkelijkheid de bedoeling is dat er banen verdwijnen.

Werkgelegenheidscijfers. Er wordt niet langer gesproken over werkloosheidscijfers zoals we dat enkele jaren geleden in de pers lazen. Bovendien hebben de overheidsdiensten het in hun kwartaalstatistieken nooit over werklozen, maar over werkzoekenden.

Werknemers. In het bedrijfsleven zijn werkgevers en werknemers nu medewerkers. Een verzachtende gedachte die bedoeld is om de relatie van ondergeschiktheid tussen de twee te verkleinen.

Kansarmen. Dit is meer ‘politiek correct’ dan praten over armen.

Aart Sierksma

Bron: Langue de bois et langue de coton : quelles sont ces langues que manient si bien nos dirigeants

Fanny Delaire

Fijne Feestdagen!

BZ wenst iedereen fijne feestdagen en een goed en Bourgondisch 2020

Het Rolin museum in Autun

Het musée Rolin moet om de vijf jaar in een publicatie laten zien dat het wetenschappelijke en het culturele deel van het museum onafhankelijk is, het projet scientifique et culturel (PSC). Dit is nodig om de status Musée de France te behouden. Het oude PSC dateert van 2008. Het is dus hoog tijd om de balans op te maken van alle activiteiten en projecten.
In Autun zijn drie musea met de aanduiding Musée de France: Het Rolin Museum, het musée Saint-Nicolas

en het Espace Gislebertus Destination Autun. Om die titel te mogen voeren moet het museum beschikken over een wetenschappelijk bureau ter plaatse en moet de site in staat zijn om publiek te ontvangen. Op langere termijn is het de bedoeling dat het Rolin Museum deze titel zal behouden en dat de andere twee musea als dependances van het museum zullen worden beschouwd. De archeologische collectie en de gevangenis worden hierdoor behouden.

600 gerestaureerde werken

Tot 2025 zullen de musea in Autun onderzocht worden en zullen de sterke en zwakke punten in kaart gebracht worden. Het zal gaan om een inventarisatie van de reserves, voorwaarden voor het behoud van de werken, ontvangstvoorwaarden en de kracht van de activiteiten die in het museum worden voorgesteld. Alles zal worden onderzocht, inclusief de inhoud van de tentoonstellingen. Sinds 2015 is het Rolin Museum bezig met de restauratie van 600 kunstwerken, zodat er meer mogelijkheden komen om tentoonstellingen af te wisselen.
‘Deze musea zijn samen met la Maison Verger Tarin

mooie complementaire locaties. Het Rolin Museum is de belangrijkste en het bekendste bij het grote publiek. Het musée Saint-Nicolas is verder weg en minder toegankelijk. Daarnaast beschikken we ook over prachtige parken. Deze groene ruimten zijn bevoorrechte ontmoetingsplaatsen’, legt Agathe Legros, directeur van het museum, uit. Ze noemt de Estivales, dat elk jaar plaatsvindt, als voorbeeld. ‘Een huwelijk tussen muziek en het culturele erfgoed van de stad. Het zou mooi zijn als de verzamelingen van het Saint-Nicolas museum een eenheid gaan vormen met die van het Rolin museum en dat de bezoekers dit museum kunnen combineren met een bezoek aan het Maison Verger Tarin.’

Een programma tot 2022

‘Espace Gislebertus Destination Autun zou eigenlijk de toegangspoort van de stad moeten worden, met zijn maquette van de antieke stad.

Alle activiteiten kunnen van hier uit gericht worden op de kathedraal. Dat zou een mooie aanvulling kunnen zijn’, zegt Agathe Legros. ‘We moeten nu afwachten wat de financiële gevolgen zijn, maar onze ambitie is om het museumbestand in Autun overeind te houden. Voorlopig loopt het programma van het Rolin Museum nog tot 2022. De projectkosten bedragen 15 miljoen euro, waarvan 2,7 miljoen euro door de gemeente wordt gefinancierd.

Aart Sierksma

Bron: A Autun, le musée Rolin remis au centre de l’offre culturelle de la ville [Cécile Kettanjian]

Iedere week een vegetarische maaltijd in de kantine

Gedurende twee jaar moeten alle scholen, bij wijze van proef, ten minste eenmaal per week een vegetarisch menu aanbieden. In de Yonne hebben sommige gemeenten al het voortouw genomen.
Geen vlees, vis of zeevruchten. Eieren en zuivelproducten worden daarentegen wel geaccepteerd. Van de kleuterschool tot de middelbare school, alle schoolkantines, zowel openbare als particuliere, moeten sinds 1 november minstens één vegetarische maaltijd per week aanbieden. De maatregel is vastgelegd in een wet in 2017 met de mooie naam Egalim (États généraux de l’alimentation). In de Yonne hebben sommige gemeenten niet gewacht en hebben direct actie ondernomen. Anderen zijn van plan volgend jaar te starten. Sommigen zijn tot slot van mening dat ze nog niet klaar of onvoldoende voorbereid zijn.

Sinds 2015 al een eco-verantwoord menu in Auxerre

‘We noemen het geen vegetarische maaltijd. Maar het is het wel. Omdat het geen vlees of vis bevat hebben we het een eco-verantwoord menu genoemd. Sinds 2015 worden deze menu’s één keer per maand geserveerd’, legt Noëlle Choquenot, directeur van de dienst Service du Temps de l’Enfant, uit. (Deze dienst is verantwoordelijk voor de oprichting, het beheer en de animatie van crèches, kinderdagverblijven, kleuter- en basisscholen in opdracht van het Franse Ministerie van Onderwijs). ‘We kozen ervoor om ze zo te noemen omdat de ondertoon anders is. Het moet iets normaals worden. Sinds één november worden ze wekelijks op maandag geserveerd.’
‘We regelen dagelijks de gemeenschappelijke maaltijdverzorging hier in Auxerre, waarbij we rekening houden met afvalscheiding, verspilling, volksgezondheid en duurzame ontwikkeling’, vervolgt Noëlle Choquenot. De commissie die de menu’s samenstelt staat onder leiding van een diëtist. En of ze nu vegetarisch zijn of niet, de maaltijden moeten evenwichtig samengesteld zijn’.

Sinds een jaar een maaltijd zonder vlees in Sens

Vanaf het begin van het schooljaar 2018-2019 is de vleesvrije maaltijd opgenomen in het dagmenu van de schoolkantines in Sens. Niet strikt genomen vegetarisch, want het kan gaan om vis, eieren, maar ook zuivelproducten. De vleesvrije maaltijd wordt bereid door diëtisten van API-Restauration. Deze dienstverlener moet er voor zorgen dat minstens 20% van de producten biologisch is en uit de regio komt.

‘We hebben het niet aangedurfd om een 100% vegetarische maaltijd te introduceren, dus kozen we voor de flexibiliteit van vleesloos. Nu wordt het verplicht om elke week een vegetarische maaltijd te serveren. Dit zal geen probleem zijn voor API Restauration, dat één keer per week zijn vleesloze maaltijd zal veranderen in een vegetarische maaltijd voor de 700 kinderen in onze kantines’, zegt wethouder Pascale Larché.

In Charny-Orée-de-Puisaye worden kinderen voorzichtig voorbereid

‘We hebben al één keer per maand een vegetarisch hoofdgerecht, zonder het echt te specificeren”, zegt Aurélien Brain, hoofd van de centrale keuken. ‘Het gaat onder meer om een groente-lasagne en een gehakt van linzen. Het doel was om de kinderen langzaam voor te bereiden op een maaltijd zonder vlees of vis. Er is overweldigend positief op gereageerd.’
Aurélien Brain heeft er alle vertrouwen in dat de wettelijke verplichting wordt toegepast. ‘We hebben al een aantal recepten, maar we zullen nog wat meer moeten variëren. We zijn intern al een eind op weg.’

In Joigny

‘We waren er al klaar voor’, stelt burgemeester Bernard Moraine. In overleg met onze dienstverlener Elite-Restauration, bieden we al enkele jaren een vegetarisch menu aan. 200 tot 250 schoolkinderen eten elke dag in de kantine en ongeveer 30 kinderen hebben om verschillende redenen voor dit menu gekozen. De regeling stelt kinderen in staat om meer groenten te eten en in dat opzicht vind ik het een zeer goede zaak. Het is tegelijk ook een vorm van voedseleducatie.’

In Sauvigny-le-Bois zijn ze overtuigd van het belang

In de kantine van Sauvigny-le-Bois hebben ze niet gewacht tot de wet ze verplicht om de kinderen vegetarische menu’s voor te schotelen. Lokale biologische producten, de strijd tegen afval, een educatieve tuin, leuke workshops rond lekker eten: het schoolrestaurant is de kern van een globale aanpak om de bewustwording rond voedsel te vergroten. ‘Sinds 2011 bieden we vegetarische menu’s aan, eerst één keer per maand, sinds vorig jaar twee keer per maand. We hebben deze keuze gemaakt omdat we ervan overtuigd zijn dat het essentieel is om ook voedingsmiddelen die rijk zijn aan plantaardig eiwitten aan te bieden”, zegt burgemeester Didier Ides. ‘De maatregel wordt over het algemeen positief beoordeeld. In ieder geval op zijn inhoud, maar niet noodzakelijkerwijs op zijn vorm. Het is een beslissing uit Parijs, ver van het veld en al helemaal niet aangepast aan de plaatselijke situatie. De maatregel is een stap in de goede richting wat betreft voedseleducatie, maar qua uitvoering een gedrocht. Er wordt ons gevraagd om in korte tijd grote stappen te zetten, maar evenwichtige menu’s samenstellen doe je niet van de ene op de andere dag. Het zal enige tijd en aanpassing vergen voor het personeel om te begrijpen hoe je een evenwichtig menu opbouwt en hoe je verschillende recepten vindt. Wij doen dit op onze eigen manier en in ons eigen tempo.’

Aart Sierksma

Bron: Obligation d’un repas végétarien chaque semaine dans les cantines : des communes de l’Yonne l’affichaient déjà à leur men

Steeds meer schade door reeën

2 december 2019/in Nièvre (58), Vertaald uit ljdc /door Aart Sierksma

Caroline Garnier heeft een boomkwekerij in Alligny-en-Morvan en is aan het einde van haar latijn. Ze vertelt haar frustraties aan iedereen die het horen wil.
Met haar roze laarzen, gelakte nagels en bloemen in haar haar laat ze zien wat de reeën aanrichten. Gepassioneerd legt ze uit dat zij iedere dag met haar voeten in de klei staat te werken. ‘We zaaien, we verplanten, we snoeien. Hier doen we alles van A tot Z nog met de hand.’
Maar op dit moment kan deze boomkweker haar woede niet langer bedwingen. ‘Er komen meer en meer reeën. Ze ruïneren veel van onze bomen. Ik weet niet meer wat ik moet doen.’

We kunnen niet de hele Morvan omheinen

Ze slaagde er in om een ontmoeting te organiseren met de jagersvereniging in Alligny-en-Morvan. ‘Ik heb ze verzocht om meer reeën af te schieten,’ zegt ze. ‘Ja, ik weet het, het klinkt misschien schokkend. Het zijn heel schattige dieren. En veel mensen zullen mijn verzoek niet begrijpen. Maar wij wonen hier. Wij werken hier en wij zorgen voor brood op de plank in de Morvan. We hebben een relatief klein bedrijf in deze branche en hebben daardoor niet dezelfde mogelijkheden als een aantal grote sparrenproducenten. Sommigen hebben ervoor gekozen om overal afrasteringen te plaatsen, maar daar ben ik geen voorstander van. We kunnen toch niet de hele Morvan afsluiten? En daarbij komt ook nog eens dat dat voor enorme extra kosten zou zorgen’.

Welke oplossingen zijn er nog

‘Er is ons verteld dat we de stammen moeten beschermen, en dat doen we ook. Met natuurlijke afstotende producten. Maar dat is niet genoeg! Hetzelfde geldt voor de knoesten op de stam. In het begin was dit nog afdoende, maar nu niet meer. En je kunt niet overal en altijd aanwezig zijn. De populatie reeën is nu zo toegenomen dat eigenlijk niets meer werkt. En doordat steeds meer collega-kwekers hun kwekerijen omheinen, zien wij het aantal reeën verder toenemen op de sparrenvelden die niet omheind zijn. Een vicieuze cirkel’.
Caroline Garnier ziet geen uitweg meer en haar woede wordt alleen maar sterker. ‘We zijn nog niet één keer gecompenseerd. Niets. Nul subsidie voor de schade van het wild’.

De burgemeester van Alligny, Marie-Christine Grosche, zelf ook een boomkweker, bevestigt het verhaal van Caroline Garnier: ‘Wij behandelen geen schadeclaims meer. Het heeft geen enkele zin. Het is erg ingewikkeld en als je de ene hebt afgehandeld ligt de volgende al weer op je bureau. Daar hebben we geen tijd meer voor. De jagers vragen ons om een jachtplan te maken, maar wij zijn geen jagers’.
‘Jagers houden het ook af, omdat ze liever op wilde zwijnen jagen dan op reeën. Dat vinden ze belangrijker’, zegt Caroline Garnier.
Ondanks de kritiek hebben de jagers toch de uitnodiging voor een ontmoeting op het gemeentehuis van Alligny-en-Morvan aangenomen. Yanis Lemaître, voorzitter van de jachtvereniging, was aanwezig.

We zijn met steeds minder

‘De situatie van de jagers is nogal gecompliceerd. Er is steeds meer kritiek op ons, niemand wil ons nog. Daarom zijn we erg blij met deze ontmoeting’, zegt Yanis spottend. ‘We worden nou niet bepaald echt gewaardeerd. En bovenal zijn we, zoals trouwens voor de hele Nièvre geldt, steeds minder talrijk’.

Ondanks de vijandige sfeer, komt Yanis Lemaître toch met enkele oplossingen: ‘De reeënpopulatie lijkt me niet overdreven groot. Maar, ik hoor dat er schade is. Ik kan lokale jagers motiveren om meer reeën te schieten. In het jachtplan voor de komende twee seizoenen, d.w.z. tot 2021, zouden we meer reeën kunnen oogsten bovenop het reeds geplande aantal’.


En Yanis Lemaître gaat nog een stapje verder: ‘De overheid moet ook iets doen om deze bedrijven tegen het wild te beschermen. Dit kan niet alleen de verantwoordelijkheid van de jagers zijn. De overheid doet er alles aan om iedereen te beschermen, waarom niet iets extra’s voor de producenten van de Morvan-sparren?’
Een vraag die ook bij Caroline Garnier voor op de tong ligt. Maar ze kent het antwoord al. Het zal niets aan haar huidige situatie veranderen.

Aart Sierksma

Bron: Ras-le-bol dans le Morvan où les chevreuils font des dégâts de plus en plus importants dans les cultures de sapins [Laure Brunet]

Tweeduizend potten jam per dag

25 november 2019/in Saône-et-Loire (71), Vertaald uit lejsl /door Aart Sierksma

Het valt direct op wanneer je bij Confituriers du Morvan binnenkomt. De muren van de winkel hangen vol met onderscheidingen, die tijdens het Concours Générale Agricole van de Salon Internationale de l’Agriculture, in de categorie Confitures et Crèmes, zijn verkregen.


De gouden medaille voor ambachtelijke jam van zwarte bes en framboos in 2015 was de eerste in een lange lijst van prijzen. De meest recente is een gouden medaille voor een frambozenjam in 2019.
Deze successen tonen aan dat Les Confituriers du Morvan sinds 2006 een lange weg heeft afgelegd. Marie en Mathieu Bouchard, oprichter en eigenaar van het bedrijf hebben in de loop der jaren aanzienlijke investeringen gedaan, te beginnen met de bouw van een nieuw gebouw naast de productielocatie begin 2018. Deze hal wordt nu gebruikt voor de opslag. Ook de winkel, waar vele soorten jam worden verkocht is tegelijk met de productiehal vernieuwd.

Biologische producten

Naast de 41 traditionele smaken die beschikbaar zijn, heeft het ambachtelijke bedrijf ook biologische recepten ontwikkeld. ‘Een biologisch kwaliteitskeurmerk staat onder streng toezicht. We krijgen om de zes maanden een check-up en iedere keer weer wordt beoordeeld of we ons biologische label behouden of verliezen. Ons biologische assortiment is minder uitgebreid met elf verschillende jamsoorten’, legt Marie Bouchard uit.
Wat de productie betreft: dagelijks verlaten tussen de 2000 en 2500 potten jam de fabriek in Celle-en-Morvan, tegenover 300 in 2006. ‘In 2018 verkochten we 300.000 potten. Maar we staan niet stil hoor. We proberen steeds opnieuw te innoveren. De fabriek heeft nu de beschikking over drie koperen ketels, waarvan er twee 200 liter kunnen produceren in een volledig geautomatiseerd proces. Kortom, als onze medewerkers op hun werk verschijnen, is de jam al klaar en kunnen ze de potten vullen’, aldus Marie.

De jam die in de regio Autun wordt geproduceerd, wordt verkocht in supermarkten en middelgrote winkels, maar ook in delicatessenwinkels, aan de groothandel en zelfs bij de grootste kaasmaker van Rungis, de Marché du Fromager. Confituriers du Morvan wordt ook geëxporteerd naar Zweden en andere landen. Onlangs is er een pallet van 36 dozen jampotjes verscheept naar Washington D.C., naar de Franse ambassade.
‘We zijn erg tevreden over al deze ontwikkelingen, maar we moeten wel met de beide benen op de grond blijven staan, want niets is ooit zeker. Iedere dag weer staan we voor een nieuwe uitdaging, zowel op het gebied van werving, kwaliteitscontrole en productie’ besluit Marie Bouchard.
Aart Sierksma

Bron: Entre 2000 et 2500 pots de confiture sortent par jour, de chez l’artisan [Michel Sookhoo] Vertaald door Aart Sierksma

Loonongelijkheid

18 november 2019/in Vertaald uit l’yr, Yonne (89) /door Aart Sierksma

Het is moeilijk te geloven, maar in 2019, dus in de eenentwintigste eeuw, is de loonongelijkheid tussen mannen en vrouwen zodanig dat vanaf 5 november, precies om 16.47 uur, vrouwelijke werknemers symbolisch tot het einde van het jaar vrijwillig voor niets werken.

Elk jaar opnieuw is het weer even schrikken als de nieuwe gegevens binnenkomen. De situatie stagneert. De Europese commissarissen luiden de noodklok: ‘Europese vrouwen blijven twee maanden gratis werken in vergelijking met hun mannelijke collega’s’. Volgens het Europese Bureau voor de Statistiek Eurostat is het gemiddelde bruto-uurloon van Europese vrouwen gemiddeld 16% lager dan dat van mannen in Europese Gemeenschap.

Al 60 jaar in de statuten

In het traditionele communiqué tijdens de Europese dag van gelijke beloning, op 4 november, hamerde Frans Timmermans (eerste vice-voorzitter van de Europese Commissie), Marianne Thyssen (commissaris voor werkgelegenheid) en Vera Dayová (commissaris voor Justitie) op deze grote ongelijkheid: ‘Het is 60 jaar gelden dat het beginsel van gelijke beloning werd vastgelegd in de Europese Verdragen, en toch weerspiegelt de dagelijkse realiteit van vrouwen in heel Europa nog steeds niet de wetten van (….)’.

Meerdere oorzaken

De oorzaken achter de loonkloof zijn natuurlijk meervoudig, zegt de EU: ‘Vrouwen werken vaker in deeltijd, ze worden geconfronteerd met het glazen plafond in bedrijven, ze zijn minder aanwezig in goed betaalde sectoren of ze zijn vaak primair verantwoordelijk als het gaat om de zorg van hun gezin. Een manier om deze oorzaken aan te pakken is om het evenwicht tussen werk en privéleven van werkende ouders en verzorgers te verbeteren’.

Een zoveelste richtlijn

Afgelopen januari, in het kielzog van talrijke teksten die al gevalideerd zijn om de loonkwesties van vrouwen te bevorderen, hebben het Europese Parlement en de Raad van Europa een voorlopig akkoord goedgekeurd over een nieuwe richtlijn over het evenwicht tussen werk en privéleven van ouders en verzorgers. De maatregelen bepleitten in het bijzonder om de ondervertegenwoordiging van vrouwen op de arbeidsmarkt aan te pakken en hun loopbaanontwikkeling te ondersteunen door betere omstandigheden te creëren wat betreft werk en privé. ‘Het enige wat nu moet gebeuren is de bestaande richtlijnen in de praktijk brengen. Actie dus’.

Franse vrouwen zijn nauwelijks beter af

De situatie van Franse vrouwen is bijna in overeenstemming met het gemiddelde in de EU. De loonkloof is dit jaar 15.4%. Vorig jaar was het 15.6%. Een kleine vooruitgang in de richting van gelijkheid

dus. Volgens het Inequalities Observatory is de kloof tussen het inkomen van mannen en vrouwen gemiddeld 21% voor leidinggevenden en 8% voor werknemers. En volgens de minister van Arbeid, Muriel Pénicaud, zijn de grootste bedrijven niet bepaald de braafste: 17% van de bedrijven die meer dan 250 werknemers in dienst hebben staan aan de verkeerde kant van de streep’.

.. en de Esten staan onderaan de ranglijst

De rangorde, opgesteld door de EU laat een groot verschil tussen de lidstaten zien. Onder de goede leerlingen in Europa loopt Roemenië voorop met een loonkloof tussen mannen en vrouwen van 3,5%. Luxem

burg en Italië volgen met 5%. Dit stijgt geleidelijk door naar Zweden (12,6%) en vervolgens naar Spanje en Nederland (15,1 en 15,2%); Portugal (16,3%), Finland (16,7%). Het Verenigd Koninkrijk staat op 20,8%; de Duitse buurman op 21%, terwijl de ‘hoofdprijs’ naar Estland gaat met een kloof van 25,6%.

Aart Sierksma

Bron: À partir de 16h47 aujourd’hui, Mesdames, vous travaillez pour du beur