Een Franse kok in Amsterdam

30 maart 2020/in Nièvre (58), Vertaald uit ljdc /door Aart Sierksma

De 24-jarige Thomas Demuth, geboren in Clamecy, is chef-kok in het bekende Amsterdams restaurant de Gouden Reael en probeert het hoofd te bieden aan de pandemie die ook het land waar hij de afgelopen twee jaar heeft gewoond, heeft getroffen. ‘Tien dagen rust thuis is nieuw voor mij,’ legt hij uit. ‘Ik hou een strak ritme aan. Ik kook veel thuis en kom absoluut niet meer buiten. Mijn leveranciers van het restaurant komen me bevoorraden met groenten, vlees en vis, zodat ik me er wel doorheen sla.’

We leven in afzondering

Hij erkent dat de situatie natuurlijk niet eenvoudig is op dit moment. ‘Ik ben bij mijn vrouw en mijn kat, we hebben een klein huis met een tuin in Amsterdam. We leven zo goed als in afzondering. Ik werk aan nieuwe recepten, ik kijk wat films, ik speel ook online spelletjes met mijn vrienden in Frankrijk en ik heb voortdurend contact met mijn ouders, mijn vader die wijnmaker is in Tannay, mijn broer, mijn familie en vrienden in Clamecy en in de rest van Frankrijk.’

Thomas is meestal zeer actief, maar heeft nu het gevoel dat zijn wereld volledig op de kop staat. ‘Ik vermijd het huis te verlaten uit respect voor anderen. Ik wil het virus niet krijgen, laat staan aan iemand anders geven. Ik neem dit heel serieus.’ Hij heeft ook permanent contact met een andere Clamecycois in Amsterdam, François Guenot, hoofd banketbakker van de Caron Group. ‘We steunen en helpen elkaar. We zitten hier in Amsterdam niet in quarantaine, er is heel weinig controle. Ik vind het jammer dat er ondanks de instructies nog steeds mensen en kinderen op straat zijn. Nederland kiest voor een ander systeem dat de economie niet te zeer ondermijnt. Het is beter, volgens de deskundigen hier, om het virus te krijgen en om er daarna immuun voor te zijn. Ik hoop dat deze epidemie snel voorbij is.’

Aart Sierksma

Bron: Cuisinier à Amsterdam et confiné, le Clamecycois Thomas Demuth prend son mal en patience [Pierre Brérard]

De gemeenteraadsverkiezingen (Vragen van kinderen)

Waar is de burgemeester voor? Wie kan burgemeester worden? Hoeveel verdient een burgemeester?

Frankrijk heeft een president, de gemeente heeft… een burgemeester die om de 6 jaar door de inwoners wordt gekozen. Deze verkiezingen, die gemeenteraadsverkiezingen worden genoemd, vinden plaats op zondag 15 en 22 maart 2020. Om te kunnen stemmen moet je ten minste 18 jaar oud zijn, ingeschreven staan op de kiezerslijst van de gemeente en met je kiezerskaart en identiteitskaart komen. Let op: de burgemeester is de populairste gekozen vertegenwoordiger van de Fransen, omdat hij ook de dichtstbijzijnde is.

De burgemeester runt de gemeente (per 1 januari 2019 waren dat er 34.979), maar hij of zij staat er niet alleen voor. Hij of zij wordt geholpen door gemeenteraadsleden (des conseillers municipaux), waaronder zijn of haar plaatsvervangers (ses adjoints), die samen de verschillende taken verdelen: wegen, scholen, kinderopvang, geldzaken, verenigingen, afvalscheiding, het milieu… Het aantal gemeenteraadsleden is afhankelijk van de grootte van de gemeente.
Wat een burgemeester kan beslissen (afhankelijk van het geld dat hij heeft) met het akkoord van de gemeenteraad: een stoep repareren, een theaterfestival organiseren, materiaal voor de school kopen, geld geven aan verenigingen, de bibliotheek renoveren, een kinderopvang regelen, een speeltuin aanleggen, een besluit nemen om het maaien van het gazon op zondagochtend te verbieden… Hij sluit ook huwelijken, ondertekent vergunningen om een huis te bouwen, een garage… Hij zorgt voor de veiligheid van de bewoners: hij is degene die de hulpdiensten organiseert in geval van een overstroming of brand. Hij vertegenwoordigt de staat en moet de wetten van het land handhaven. Op het stadhuis (of gemeentehuis) worden ook geboorten en sterfgevallen aangekondigd. Hij neemt ook beslissingen over verkeer en parkeren.

Waar komt het geld van de gemeente vandaan?

De inwoners van een gemeente betalen belasting. Dit geld wordt gebruikt voor het schoolvervoer, de kantines, de scholen, het schoonmaken van de wegen… De staat geeft ook geld en sommige gemeenten lenen ook geld.

Wie kan burgemeester worden?

Om burgemeester van je gemeente te worden, moet je een man of een vrouw zijn die op de eerste dag van de verkiezingen minstens 18 jaar oud is, ingeschreven zijn op de kiezerslijst van de gemeente of daar je belastingen betalen. Je moet ook tijd hebben en mensen vinden om een kieslijst op te stellen.

Wordt de burgemeester betaald?

We noemen dat compensatie. Hoe groter de gemeente (en dus de werklast), hoe meer geld de burgemeester krijgt. Voor gemeenten met minder dan 500 inwoners ontvangen de burgemeesters 646 euro bruto per maand. Het salaris stijgt tot 1.178 euro voor burgemeesters van gemeenten met tussen 500 en 999 inwoners en vervolgens tot 3.421 euro voor een gemiddelde stad van 50.000 inwoners. Boven de 100.000 inwoners stijgt het salaris naar 5.512 euro. Uitzonderingen zijn Parijs, Lyon en Marseille Hier krijgen de burgemeesters tussen de 8.137 en 8.650 euro.

Kinderen in de gemeenteraad?

Sommige steden zijn bezig met het opzetten van kinder- of jeugdraden. Hier kunnen kinderen discussiëren, met ideeën komen en projecten voorstellen. Een plek om te leren over burgerschap en democratie! Je moet bij de gemeentehuizen nagaan of jouw gemeente een gemeentelijke jeugdraad heeft ingesteld.

Woordenlijst

Bureau de vote (Stembureau)
Hier wordt de stemming gehouden, op het stadhuis, in een school, in een gymzaal…

Bulletin de vote (Stembiljet)
Dit is het blad waarop de naam van de kandidaat (of de lijst van kandidaten) is geschreven.

Isoloir (Stemhokje)
Het is een afgesloten hokje met een gordijn waar de kiezer zijn stembiljet uit het zicht van anderen kan invullen.

Assesseurs (Stembureauleden)
Personen die de voorzitter van het stembureau helpen.

Dépouillement (de stemmen tellen)
Dit is het moment aan het einde van de dag, na het sluiten van het stembureau, waarop de enveloppen worden geopend om de stembiljetten te tellen.

Aart Sierksma
Bron: Dis, maman (ou papa), c’est quoi les municipales? [Florence Chédotal]

Langue de bois en langue de coton

Samenbouwen, synergie, structurerend project, multifactoriële aanpak, gecoördineerde reacties… Allemaal lege woorden die eigenlijk niets zeggen en waarvan we graag een concrete beschrijving wensen’, zegt Samir Bajric, hoogleraar taalkunde aan de Universiteit van Bourgogne, die probeert de raadselachtige begrippen uit de titel te ontcijferen.

Vooral tijdens verkiezingscampagnes zijn er mooie voorbeelden van te horen. Ze worden vaak bedacht door specialisten die onze gekozen vertegenwoordigers voorzien van speeches. Maar ook lokale politici, vertegenwoordigers van verenigingen en bedrijven maken gretig gebruik van dit soort understatements. Holle frasen aangevuld met modieus taalgebruik zorgen er voor dat lezers, toehoorders en gesprekspartners steeds vaker afhaken.

François Diot, raadslid in Nevers, mag graag op Facebook de spot drijven met de gebruikers van dit soort taalgebruik. Het laatste voorbeeld tot nu toe is de stemming in de raad over: het protocol voor het industriegebied van Nevers Val de Loire in het kader van een strategie van industriële herovering en territoriale ontwikkeling. Wie het snapt, mag het zeggen. ‘Dit soort voorstelling van zaken wil graag de indruk wekken dat wij (de gezagsdragers) er wel voor zorgen dat alles in orde komt. Holle woorden als parels aaneengeregen’.

De uitdrukking langue de bois is in de 20e eeuw ontstaan en hieruit is weer de uitdrukking langue de coton voortgekomen. De eerste komt voor in zo’n beetje alle Europese talen. In het Nederlands noemen we het: om de hete brij heendraaien. De tweede (langue de coton) komt bijna alleen in de Franse taal voor. Het verschil tussen die twee is eerder een kwestie van mate dan van inhoud. De langue de bois komt veel vaker voor dan de langue de coton.

Wat is het verschil tussen die twee        Samir Barjric

Het gebruik van langue de bois zou je het beste kunnen omschrijven als een ontwijkingsstrategie, een manier om met woorden een ontsnappingsroute te vinden. Het staat dicht bij politieke correctheid. Het politiek discours is de bakermat van het gebruik van langue de bois, want politiek is vaak de kunst van het ontmoedigen, maar ook van het overtuigen en soms van het verdrinken van de vis’. Marc Baratin, professor linguïstiek, schreef: ‘Wie de taal beheerst, beheerst de wereld.

Met het gebruik van langue de coton gaan we een stap verder, een stap in het vermijden van het essentiële. Met langue de bois kun je nog vermijden te zeggen wat je dwars zit, om de hete brij heendraaien. Met langue de coton verzand je in deze vermijding door allerlei voor de hand liggende termen te gebruiken en dus eigenlijk niks te zeggen. Een voorbeeld: Franse vrouwen en mannen willen zo comfortabel mogelijk leven.’

 

Hoe verklaart u het feit dat dit eigenlijk een vorm van misleiden is

Het gebeurt over de hele wereld. Het werd gepopulariseerd in de tijd van de voormalige Sovjet-Unie. In de jaren tachtig bleek na uitgebreid onderzoek echter dat de effectiviteit ervan afnam. De mensen van nu, gezegend met individuele vrijheden en vrijheid van meningsuiting, willen niet meer voor de gek gehouden worden. Zij willen begrijpen wat er gezegd wordt en slikken niet alles meer voor zoete koek. Langue de coton komt minder vaak voor dus. Als een welbespraakte politicus nu gebruik maakt van langue de coton, neemt hij een groot risico. De mensen zullen snel doorhebben dat ze voor de gek worden gehouden.’

Waarom gebruiken politici ze zo veel

Interpretatie wordt moeilijker als er betekenisloze woorden worden gebruikt. Een toespraak kan bewust moeilijk te begrijpen zijn voor de toehoorders. We noemen dit manipulatie van de massa. Als een administratieve tekst ondoorzichtige termen gebruikt, zal de gemiddelde burger deze niet kunnen interpreteren. Deze manipulatie kan opzettelijk zijn. Een gekozen politicus kan met opzet het essentiële willen verbergen, maar het kan ook zijn dat hij het, zonder het te weten, overgenomen heeft van een ander. De president van de regio Bourgogne-Franche-Comté, Marie-Guite Dufay, blinkt uit in de kunst van de langue de coton. Lees haar recente tweet: ‘Al het beleid dat ik voer gaat over het feit dat iedereen in deze samenleving erbij hoort. Broederschap voor iedereen’. We kunnen het alleen maar met haar eens zijn. Ook bedrijven bedienen zich vaak van dit soort taalgebruik: ‘Onze verwijzing naar de doelstellingen van duurzame ontwikkeling wordt sterk bevestigd in al ons overheidsbeleid, gevolgd door een proces van extrafinanciële beoordeling, waarbij het gewest nu proactief is’. Vertaling alstublieft!!’

Nog een paar voorbeelden       

Plan voor behoud van werkgelegenheid. Beter bekend als het sociaal plan. Het is inderdaad moeilijk om tegen een plan in te gaan dat zich voordoet als het willen behouden van werkgelegenheid, terwijl het in werkelijkheid de bedoeling is dat er banen verdwijnen.

Werkgelegenheidscijfers. Er wordt niet langer gesproken over werkloosheidscijfers zoals we dat enkele jaren geleden in de pers lazen. Bovendien hebben de overheidsdiensten het in hun kwartaalstatistieken nooit over werklozen, maar over werkzoekenden.

Werknemers. In het bedrijfsleven zijn werkgevers en werknemers nu medewerkers. Een verzachtende gedachte die bedoeld is om de relatie van ondergeschiktheid tussen de twee te verkleinen.

Kansarmen. Dit is meer ‘politiek correct’ dan praten over armen.

Aart Sierksma

Bron: Langue de bois et langue de coton : quelles sont ces langues que manient si bien nos dirigeants

Fanny Delaire

Steeds meer schade door reeën

2 december 2019/in Nièvre (58), Vertaald uit ljdc /door Aart Sierksma

Caroline Garnier heeft een boomkwekerij in Alligny-en-Morvan en is aan het einde van haar latijn. Ze vertelt haar frustraties aan iedereen die het horen wil.
Met haar roze laarzen, gelakte nagels en bloemen in haar haar laat ze zien wat de reeën aanrichten. Gepassioneerd legt ze uit dat zij iedere dag met haar voeten in de klei staat te werken. ‘We zaaien, we verplanten, we snoeien. Hier doen we alles van A tot Z nog met de hand.’
Maar op dit moment kan deze boomkweker haar woede niet langer bedwingen. ‘Er komen meer en meer reeën. Ze ruïneren veel van onze bomen. Ik weet niet meer wat ik moet doen.’

We kunnen niet de hele Morvan omheinen

Ze slaagde er in om een ontmoeting te organiseren met de jagersvereniging in Alligny-en-Morvan. ‘Ik heb ze verzocht om meer reeën af te schieten,’ zegt ze. ‘Ja, ik weet het, het klinkt misschien schokkend. Het zijn heel schattige dieren. En veel mensen zullen mijn verzoek niet begrijpen. Maar wij wonen hier. Wij werken hier en wij zorgen voor brood op de plank in de Morvan. We hebben een relatief klein bedrijf in deze branche en hebben daardoor niet dezelfde mogelijkheden als een aantal grote sparrenproducenten. Sommigen hebben ervoor gekozen om overal afrasteringen te plaatsen, maar daar ben ik geen voorstander van. We kunnen toch niet de hele Morvan afsluiten? En daarbij komt ook nog eens dat dat voor enorme extra kosten zou zorgen’.

Welke oplossingen zijn er nog

‘Er is ons verteld dat we de stammen moeten beschermen, en dat doen we ook. Met natuurlijke afstotende producten. Maar dat is niet genoeg! Hetzelfde geldt voor de knoesten op de stam. In het begin was dit nog afdoende, maar nu niet meer. En je kunt niet overal en altijd aanwezig zijn. De populatie reeën is nu zo toegenomen dat eigenlijk niets meer werkt. En doordat steeds meer collega-kwekers hun kwekerijen omheinen, zien wij het aantal reeën verder toenemen op de sparrenvelden die niet omheind zijn. Een vicieuze cirkel’.
Caroline Garnier ziet geen uitweg meer en haar woede wordt alleen maar sterker. ‘We zijn nog niet één keer gecompenseerd. Niets. Nul subsidie voor de schade van het wild’.

De burgemeester van Alligny, Marie-Christine Grosche, zelf ook een boomkweker, bevestigt het verhaal van Caroline Garnier: ‘Wij behandelen geen schadeclaims meer. Het heeft geen enkele zin. Het is erg ingewikkeld en als je de ene hebt afgehandeld ligt de volgende al weer op je bureau. Daar hebben we geen tijd meer voor. De jagers vragen ons om een jachtplan te maken, maar wij zijn geen jagers’.
‘Jagers houden het ook af, omdat ze liever op wilde zwijnen jagen dan op reeën. Dat vinden ze belangrijker’, zegt Caroline Garnier.
Ondanks de kritiek hebben de jagers toch de uitnodiging voor een ontmoeting op het gemeentehuis van Alligny-en-Morvan aangenomen. Yanis Lemaître, voorzitter van de jachtvereniging, was aanwezig.

We zijn met steeds minder

‘De situatie van de jagers is nogal gecompliceerd. Er is steeds meer kritiek op ons, niemand wil ons nog. Daarom zijn we erg blij met deze ontmoeting’, zegt Yanis spottend. ‘We worden nou niet bepaald echt gewaardeerd. En bovenal zijn we, zoals trouwens voor de hele Nièvre geldt, steeds minder talrijk’.

Ondanks de vijandige sfeer, komt Yanis Lemaître toch met enkele oplossingen: ‘De reeënpopulatie lijkt me niet overdreven groot. Maar, ik hoor dat er schade is. Ik kan lokale jagers motiveren om meer reeën te schieten. In het jachtplan voor de komende twee seizoenen, d.w.z. tot 2021, zouden we meer reeën kunnen oogsten bovenop het reeds geplande aantal’.


En Yanis Lemaître gaat nog een stapje verder: ‘De overheid moet ook iets doen om deze bedrijven tegen het wild te beschermen. Dit kan niet alleen de verantwoordelijkheid van de jagers zijn. De overheid doet er alles aan om iedereen te beschermen, waarom niet iets extra’s voor de producenten van de Morvan-sparren?’
Een vraag die ook bij Caroline Garnier voor op de tong ligt. Maar ze kent het antwoord al. Het zal niets aan haar huidige situatie veranderen.

Aart Sierksma

Bron: Ras-le-bol dans le Morvan où les chevreuils font des dégâts de plus en plus importants dans les cultures de sapins [Laure Brunet]

Nieuwe veiligheidsnormen rond de kerncentrale Belleville-sur-Loire

11 november 2019/in Nièvre (58), Vertaald uit ljdc /door Aart Sierksma

De prefectuur van de Cher heeft nieuwe normen vastgelegd in een toekomstig speciaal actieplan voor de kerncentrale van Belleville-sur-Loire. In dit interventieplan (PPI) staat wat de nucleaire risico’s zijn voor de bevolking rond de kerncentrale. Het plan zal binnenkort van toepassing zijn voor de gemeenten tot 20 kilometer rond de kerncentrale. Met het besluit tot goedkeuring van de nieuwe normen, hebben elf gemeenten in de Nièvre deze uitgebreide veiligheidszone van tien tot twintig kilometer geïntegreerd. In totaal maken negentien gemeenten in de Nièvre er deel van uit.

Wat zegt het huidige PPI?

Wat betreft crisisbeheersing onderscheidt het PPI twee fases:
De eerste wordt omschreven als de reflexfase. Deze treedt in werking als er een situatie van onmiddellijk gevaar het hoofd moet worden geboden.
De tweede wordt de gecoördineerde fase genoemd. Deze wordt van kracht als er sprake is van een langer durende crisis.
Als er een situatie ontstaat waarbij geen nucleair risico is voor de bevolking, wordt de PPI niet geactiveerd, maar zorgt de prefect van de Cher voor een 24-uurs bewakingsdienst.

In geval van een nucleair ongeluk, dat binnen zes uur een radioactieve straling kan veroorzaken, wordt het PPI door de centrale overheid in fase één geactiveerd. Nog voordat de exacte oorzaak bekend is, wordt het alarm ingeschakeld en gaat er een sirene af. Binnen een straal van 2 km rond de kerncentrale (Neuvy-sur-Loire voor de Nièvre) wordt de bevolking opgeroepen naar de media (radio, tv, sociale media) te luisteren en naar binnen te gaan. Het gebied wordt afgezet en de radioactiviteit wordt gemeten. Vervolgens kan er een waarschuwing verzonden worden die de bevolking oproept om jodiumtabletten in te nemen. Deze fase duurt slechts enkele uren en eindigt met een besluit van de overheid, bestaande uit ofwel het opheffen van het noodsituatie of een besluit tot evacuatie.

Als er een ongeluk plaatsvindt, waarbij radioactieve straling over een langere periode (meer dan zes uur) te verwachten valt, wordt het PPI in fase twee geactiveerd. De te ondernemen acties worden dan bepaald aan de hand van de gebeurtenis. De overheid kan dan een evacuatie opleggen binnen een straal van 5 km (Annay en La Celle-sur-Loire voor de Nièvre) rond de kerncentrale.

In het geval van een ernstig ongeluk verwijzen de gemeenten in een cirkel van 20 km rond de centrale naar hun gemeentelijke veiligheidsplannen (PCS). Deze PCS beschrijven ‘de organisatie om te zorgen voor waakzaamheid, informatieverstrekking, bescherming en ondersteuning van de bevolking tegen een eventuele aanval’. Ze beschrijven ook het individuele en collectieve gedrag dat moet worden opgevolgd, geven een lijst van veilige schuilplaatsen aan en beschrijven de waarschuwingsmiddelen ( sirene, alert via sociale media).

Bovendien kan een jodiumdistributie tot 20 km rond de centrale worden georganiseerd. Het organisatieplan (Orsec), opgesteld door de prefectuur van de Nièvre in 2013 voor de gemeenten Donzy, Nevers, Saint-Pierre-le-Moutier, Decize, Luzy, Moulins-Engilbert, Château-Chinon, Montsauche-Les Settons, Corbigny, Clamecy, Prémery en La Charité-sur-Loire, voorziet in twaalf jodiumdistributiebureaus in geval van een nucleair ongeluk. In dit geval worden dozen met jodiumtabletten verzonden vanuit het distributiebureau.

Nieuwe jodiumdistributiecampagne

Bewoners in de omgeving van de kerncentrale kunnen preventief jodiumtabletten verkrijgen. De vorige distributiecampagne dateert uit 2016: tegen een opnamebon konden bewoners en beheerders van openbare instellingen jodiumtabletten ophalen bij de apotheek. Elf apotheken in de huidige omtrek hebben een beperkte voorraad jodiumtabletten.
Jodium verzadigt de schildklier zodat het radioactieve jodium dat tijdens een nucleair ongeluk in de lucht wordt vrijgegeven, niet door deze klier wordt geabsorbeerd. Het kan kanker veroorzaken, maar ook de groei van kinderen en adolescenten remmen.

Aart Sierksma

Bron: Nouveau périmètre de sécurité autour de la centrale nucléaire de Belleville-sur-Loire : qu’est-ce que cela change pour les communes concernées ?[Fanny Delaire]

Het gebruik van pesticiden

21 oktober 2019/in Nièvre (58), Vertaald uit ljdc /door Aart Sierksma

Boeren in de Nièvre maken geen overmatig gebruik van pesticiden, zoals blijkt uit een kaart gepubliceerd door de krant Le Monde over het gebruik van de meest giftige producten.

‘De Nièvre staat er goed op’ Dat is wat Didier Ramet, voorzitter van de Landbouwkamer van de Nièvre, als eerste te binnen schiet als hij het kaartje van Frankrijk ziet. Le Monde heeft onlangs een onderzoek, uitgevoerd door ANSES (Nationaal Agentschap voor voedselveiligheid, milieu en arbeid) over het gebruik van pesticiden in 2017 gepubliceerd. Pesticiden die gekwalificeerd worden als de gevaarlijkste voor de gezondheid en het milieu.

Op het kaartje is te zien dat de boeren in de Nièvre hun landerijen niet of erg weinig met deze pesticiden behandelen. ‘De Nièvre heeft veel veeteelt, met veel weilanden. We verbouwen hier weinig producten zoals planten, bloemen, groente en fruit waarvoor veel herbiciden en insecticiden worden gebruikt’, legt Stéphane Aurousseau, de president van de Departementale Federatie van Boerenbonden (FDSEA), uit. ‘In het noorden van het departement, het land met de wijngaarden en graanvelden, ligt het gebruik wel een stuk hoger. Tussen de 1 en 1.85 behandelingen per hectare. Maar dit laatste cijfer, het maximum in de Nièvre is in de buurt van Breugnon, Corvol-l’Orgueileux en Tracy-l’Orgueilleux, is verre van het landelijke niveau waar 2 tot zelfs 5 behandelingen de norm is’.

Controversieel

Het onderwerp pesticiden is een zeer controversieel onderwerp waarover de landbouwsector en de overheid transparant wil communiceren met de bevolking. Ze zijn van plan binnenkort een handvest te ondertekenen, waarin het gebruik van dit soort producten komt te staan. ‘In dit handvest kunnen de inwoners zien wat de luchtkwaliteit in hun omgeving is. We zullen hierin ook onze aanbevelingen formuleren’, zegt Daniel Barbier, de voorzitter van burgemeesters van de Nièvre. ‘Het zou natuurlijk het makkelijkst zijn om alles te verbieden, maar niet alles is even gevaarlijk’.

Na zes maanden nadenken resulteerde het voorbereidende werk van de verschillende partners in de wens om verwaarloosde heggen opnieuw aan te planten, om zo de verspreiding nog preciezer in kaart te kunnen brengen. ‘Ook de data en tijden van behandelingen moeten op een rij gezet worden om uit te vinden wat de minst schadelijk momenten zijn voor de bewoners in de omgeving, de leerlingen van de scholen, de bewoners van de bejaardenhuizen, de patiënten van de ziekenhuizen, enzovoorts’, voegt Daniel Barbier eraan toe. ‘De toekomstige ondertekenaars gaan toezien op naleving van de opgestelde regels’.

‘We boeken voortdurend vooruitgang’, zegt Stéphane Aurousseau. ‘We weten bijvoorbeeld dat nachtbehandelingen minder producten vereisen vanwege een hogere luchtvochtigheid. Dat is dus veel efficiënter. Er is nog veel winst te halen, maar we moeten wel rekening houden met het feit dat er al veel producten verboden zijn in Frankrijk. Bijna duizend gevaarlijke producten zijn al tien jaar lang verboden’.

Het manifest zou eind 2019 kunnen worden ondertekend.

Aart Sierksma

Bron: La Nièvre à l’abri d’une utilisation excessive des pesticides [Ludovic Pillevesse]

Viskwekerijen in Corancy en Vermenoux

De viskwekerijen in Corancy en Vermenoux maken onderdeel uit van de landbouwschool en het CFPPA (centrum voor beroepsopleiding en landbouwpromotie) in Château-Chinon. In 1996 hebben de visverenigingen van de Nièvre, de Yonne en de Saône-et-Loire de kwekerijen overgedragen aan de landbouwschool. Ze zijn echter sterk verouderd en hebben een grondige restauratie nodig. Zoals ze er nu bij liggen zijn ze niet langer geschikt voor onderwijs en opleiding. Daarom investeert de regio Bougogne-Franche-Comté bijna 6,5 ​​miljoen euro. De feestelijke opening van de eerste fase van het werk, die van Corancy, was donderdag 26 september.
Naast de twaalf broedvijvers is er ook nog een visverwerkende werkplaats en een winkel (zie hieronder). Sylvain Mathieu uit de Nièvre verdedigde de modernisering van de kwekerijen in de regionale raad van de Bourgogne-Franche-Comté.

Partnerschap met Quebec

Met deze faciliteiten hebben zo’n honderd studenten in deze sector uitstekende mogelijkheden tijdens hun opleiding. ‘Ik vis al heel lang en hou van de natuur. Ik ben zelfs van plan om jonge sportvissers in de toekomst te gaan begeleiden,’ zegt Guillaume, 19 jaar. ‘Het is geweldig om op deze vernieuwde plek te werken en zulke werkomstandigheden te hebben.’

Deze studierichting opent vele deuren voor de studenten. Zowel in de zoetwatervisserij als in de sector van schaal- en schelpdieren. Over deze laatste sector zegt Florian Guillet, directeur van een schelpdierenkwekerijen: “Als onderdeel van hun opleiding volgen studenten cursussen aan de middelbare school Bourcefranc-le-Chapus in de Charente-Maritime. De diploma’s die ze hier krijgen, tijdens hun stages, geven toegang tot allerlei bedrijven in deze sector in Frankrijk, maar ook in Quebec. We hebben namelijk een partnerschap met Quebec zodat de studenten van de BTS-aquacole als het ware een dubbele nationaliteit hebben. Zelfs in Spanje en Chili kunnen ze zo aan de slag.’
‘Alle onderdelen komen in deze studierichting aan de orde’, benadrukt de directeur Frédéric Guillot. ‘Onze kwekerijen zijn echt uniek in Frankrijk. Deze voorzieningen, gefinancierd door de regio, maken het tot de modernste zoetwaterviskwekerij van ons land.’

De kwekerij van Vermenoux wordt volledig gerenoveerd

Vermenoux is de broedplaats en de kwekerij voor de andere viskwekerijen van de Morvan. Wanneer de vissen deze plek verlaten, wegen ze ongeveer 80 gram. Het gaat om de bruine forel, de regenboogforel, de vlagzalm en de fonteinzalm. De kwekerij wordt gevoed door de rivier de Yonne net als die van Corancy. De kwekerij zou eigenlijk volledig moeten worden vernieuwd. Nu worden alleen de buitenbaden vernieuwd. De broedkamer wordt gerenoveerd. De werkzaamheden beginnen in november en zullen in juli 2020 worden opgeleverd.

De getallen

2,1 miljoen
De investering van de regio Bourgondië-Franche-Comté voor de werkzaamheden aan de nieuwe viskwekerij van Corancy.

2,7 miljoen
De investering om de kwekerij van Vermenoux te moderniseren.

12
Het aantal vijvers van de nieuwe viskwekerij van Corancy.

28 t
Momenteel produceren de viskwekerijen in de Morvan 28 ton vis. Het doel is om snel naar 60 ton te gaan. Twintig ton wordt verkocht voor recreatieve visserij. Deze vissen gaan richting de Bourgogne-Franche-Comté, Isère, Rhône, Ain en Savoye.

Boutique

De winkel met visproducten uit de Morvan-viskwekerij van Corancy is geopend op donderdag en vrijdag van 9.00 tot 12.00 uur en van 14.00 tot 17.00 uur.

Aart Sierksma

Bron: La Région investit près de 6,5 millions d’euros dans les piscicultures du Morvan à Corancy et Vermenoux [Denis Chaumereuil] foto’s: lejdc

Wanneer worden de nieuwste radars geplaatst?

De onlangs gedemonteerde radars in de Yonne kunnen binnenkort worden vervangen door de nieuwste lichting. De burgemeesters in dit departement hebben recentelijk de nodige informatie ontvangen.
‘Dit is een eerste aanzet’, legt de burgemeester van Lasson, Patrice Baillet, uit. ‘Vanaf 9 september moeten de oude betonblokken, waarop de huidige radars staan, vervangen worden door een nieuwe ondersteuning voor de komende verkeersveiligheidsapparatuur’.

Percy

Daniel Boucheron, burgemeester van Percy, ontving ook een soortgelijke brief. ‘Ik weet niet wat ze op de oude radarplek gaan neerzetten, maar ik denk dat het geen reclamebord zal zijn’, zegt hij met humor. ‘De locatie blijft bestemd voor hetzelfde doel. Afgezien van een radar, zie ik niet zo gauw wat op die plek nog meer zou kunnen komen’.

De vervanging van de radars lijkt dus door te gaan. De vraag is alleen: krijgen we de allernieuwste radars die ondertussen al in verschillende departementen geplaatst zijn? De commissie verkeersveiligheid heeft in de Yonne de vervanging van verschillende, volledig vernielde, vaste radars door de nieuwste generatie gepland in de loop van het jaar 2019, aldus het jaarverslag 2018 verkeersveiligheid van de prefectuur.

Verdwenen radars

Sinds deze zomer zijn, zonder enige uitleg, verschillende radars plotseling verdwenen. Cravant, Saint-Moré, in de Morvan, Vergigny, Percy. Alleen het betonblok en het waarschuwingsbord is achtergebleven. Natuurlijk hebben we navraag gedaan, maar de prefectuur van de Yonne wilde geen uitleg geven. Overheidsdiensten krijgen de opdracht om geen commentaar te leveren op de toename van daden van vandalisme tegen radars.
‘Ik weet niet wie de radar heeft weggehaald’, zegt Thierry Corniot, burgemeester van Seignelay. ‘Ik ontdekte het pas toen de radar al verdwenen was. Best raar dat ik niet geïnformeerd ben’, zegt zijn collega Dominique Bussy van Molosmes.

Niet alleen snelheidscontroles

Deze radars, die vier meter hoog zijn, controleren de snelheid in beide richtingen. In tweede instantie, na officiële goedkeuring, moeten ze het ook mogelijk maken om te controleren of de inzittenden in de veiligheidsgordels zitten, of de bestuurder niet telefoneert, bumperkleeft of gevaarlijk inhaalt. Ook is hij in staat om twee overtredingen tegelijk te registreren. Bijvoorbeeld, als de bestuurder belt en te hard rijdt op hetzelfde moment.

Deze apparaten, genaamd De Mesta Fusion 2, zullen moeilijker te vernielen zijn. Ze staan op een mast van tweeëneenhalve meter. Naast het ontwerp onderscheidt deze radar zich vooral door wat er in de kast zit. Dankzij een 200 meter brede sprectrumradar en een 36 miljoen pixelcamera kan hij de snelheid van 32 voertuigen op acht verschillende rijstroken tegelijk detecteren en het verschil registreren tussen een vrachtwagen en een personenauto.
Sommige radars zijn dummy’s, wat automobilisten zal dwingen om altijd waakzaam te blijven. ‘Gemiddeld zal er één op de zes actief zijn’, legt Emmanuel Barbe, verantwoordelijk voor verkeersveiligheid, uit.

Aart Sierksma
Bron: Des radars dernière génération bientôt implantés dans la Nièvre? [Marc Charasson] Radars tourelles: à quoi doit on s’attendre avec ces appareils nouvelle génération? [Daphnée
Autissier]

Een dagje meelopen met een postbode in Nevers

We volgen een hele ochtend een postbode van La Poste in Nevers, voor en tijdens haar ronde. Haar taak bestaat niet alleen uit brieven in brievenbussen stoppen.

Nathalie werkt al twintig jaar bij La Poste, eerst aan het loket, de laatste twee jaar als postbezorgster. Van 8.25 uur tot 13.15 uur rijdt ze op haar elektrische fiets 22 kilometer door Nevers tot in Coulanges.

06.00 uur

De dag begint met een algemene sortering van postpakketten en brieven. Vervolgens regelt ze de rondes van de andere postmedewerkers voordat ze die van haarzelf voorbereidt. Gemiddeld moeten 650 klanten dagelijks van post worden voorzien, maar de helft ontvangt de post niet iedere dag.
Na ongeveer een uur sorteren keert elke medewerker terug naar zijn eigen postvak. Nathalie heeft postvak QL6. De postvakken staan verticaal opgesteld om rugklachten te voorkomen. ‘De sortering vereist behendigheid en de voorbereiding op je ronde vereist een goed geheugen,’ zegt Nathalie. Je moet je route en de straatnamen goed opnemen. Vandaag zal ze in zestien straten de post bezorgen.

08.00 uur

Nathalie legt alle post in de juiste volgorde. Daarna maakt ze er bundels van die ze in de vier tassen van haar elektrische fiets stopt. Ze doet haar veiligheidsschoenen aan, zet haar helm op, de fiets is helemaal opgeladen, de ronde kan beginnen na een korte vergadering van tien minuten. Het is 8.25 uur.
Ze zegt, met een glimlach op haar gezicht, dat ze van haar werk houdt en vindt dat ook een voorwaarde om het goed te doen. ‘Het is gezellig en ik voel me nuttig. Ik hou van contact maken met de mensen. Vaak komen mensen naar de deur om me te begroeten en on de post in ontvangst te nemen.’ Een van de bewoners riep: ‘Je moet aardig voor haar zijn hoor. Ze doet haar werk heel goed!’

Sommige straten zijn niet bereikbaar met de auto en andere hebben weer éénrichtsverkeer. Soms heeft Nathalie geen andere keuze dan voorzichtig over het trottoir te rijden.
‘De stad waar ik mijn ronde doe is een waar doolhof. Maar ja, zo zijn oude steden nu eenmaal en ik heb op deze manier Nevers goed leren kennen. Maar, je moet wel voorzichtig zijn’, zegt ze in één adem.

Een goede training vooraf is noodzakelijk. De postbodes worden getest op hun vermogen om dingen te onthouden en worden in onvoorziene situaties geplaatst waar ze zelf voor een oplossing moeten zorgen. Daarnaast krijgen ze tests die te maken hebben met verkeersveiligheid. Ze moeten zich ook bewust zijn van het feit dat er wel eens loslopende honden zijn. Nathalie is al eens gebeten. Ze neemt geen enkel risico als ze weet dat iets niet pluis is.

09.30 uur

Nathalie stopt bij het bejaardentehuis la Residence du Parc, een plek waar ze heel graag de post komt bezorgen. ‘Ik ben dol op dit adres. Even kletsen en mensen ontmoeten. Iedereen is altijd blij als ik kom’. ‘Ze is onze huispostbode, we kijken altijd naar haar uit, ze is behulpzaam en we vertrouwen haar’, zegt een assistente van het bejaardentehuis, terwijl Nathalie de post in vakken plaatst. De assistente verspreidt later de post onder de bewoners.

10.20 uur

De postbode komt aan bij Marcel. Al twee jaar lang bezoeken postbodes ouderen die alleen ergens afgezonderd leven in het kader van het project: Houd een oogje in het zeil. Soms gaat een postbode iedere dag even controleren of alles in orde is en een praatje maken, soms een keer per week.
Sinds mei brengt Nathalie wekelijks een bezoek aan de 83-jarige man, die daar zichtbaar van geniet. Op zijn T-shirt staat te lezen: Geniet met volle teugen van het leven. Nathalie controleert nauwkeurig of hij genoeg eet en drinkt. Ze noteert op haar tablet haar bevindingen en wat hij eventueel nodig heeft. Dit bericht wordt automatisch verzonden naar een familielid.

La Poste heeft haar diensten de laatste jaren behoorlijk moeten aanpassen, vooral doordat mensen minder brieven versturen en steeds meer gebruik maken van internet.
Tussen 2008 en 2019 werd La Poste geconfronteerd met een verlies van 50% aan postvolume, wat een daling van 7% per jaar betekent: 18 miljard verstuurde objecten in 2008 tegen 9 miljard nu. Daarom biedt La Poste tegenwoordig verschillende andere diensten aan: maaltijdbezorging, inneming van kartonnen dozen om te recyclen, digitale identiteitsverificatie …

Aart Sierksma
Bron: En tournée avec Nathalie, factrice à Nevers, un métier multiservice [Rébecca-Alexie Langard]

Les misophones: Lawaai van haat (*)

Ter gelegenheid van de boekenbeurs van Saint-Honoré-les-Bains op zondag 7 juli presenteerde Bruno Salomone zijn nieuwste roman ‘Les Misophones’. Cinema, theater, televisie, literatuur …. Niets lijkt Bruno Salomone tegen te houden. Hij boekt succes na succes. De laatste in de rij is zijn nieuwe roman ‘Les Misophones’, verschenen op 18 april.

Een ontmoeting

Wat is misofonie?

Laten we bij het begin beginnen. Misofonie is een hersenaandoening waarbij specifieke geluiden extreme gevoelens van woede, walging of haat opwekken. Letterlijk betekent het: haat voor geluid. Je moet dan denken aan allerlei geluiden uit het dagelijks leven. Bruno Salomone somt er een groot aantal op in zijn roman: “Er zijn heel veel geluiden, maar kauwen is wel het meest voorkomend. Het kan een persoon zijn die een appel kauwt, chips eet, zwaar ademhaalt, snurkt, piepend ademhaalt, regelmatig snuift van verkoudheid, iemand die de letter ‘s’ scherp uitspreekt, enzovoorts. Het lijken eenvoudige onbenulligheden, maar 15% van de bevolking lijdt aan deze aandoening”.

 Wat is uw relatie met misofonie?

“Het is heel moeilijk om te begrijpen wat misofonie is … Je moet het eerst zelf ervaren om erover te kunnen praten. Ja, ik ben misofoon. Maar ik houd er niet van om er over te praten, want ik wil niet dat mensen mij zien als een patient.

Misofonie is een interessante, nieuwe wereld. Het is nog helemaal niet zo bekend. De term is heel recent en komt pas rond het jaar 2000 voor. ‘Les Misophones’ is het eerste boek dat dit onderwerp echt aanpakt. Veel mensen vinden dit ziektebeeld bespottelijk en onbegrijpelijk. Daarom besloot ik om in boekvorm de avonturen tussen twee misofonen te vertellen”.

Het is een roman, maar wel gebaseerd op ware gebeurtenissen?

“Wie zegt dat een roman altijd fictie is? Het deel dat plaatsvindt in China bijvoorbeeld is geheel en al verzonnen. Ik wilde in dit boek de grens tussen fictie en non-fictie oprekken. En trouwens, als je schrijft, praat je altijd over jezelf. Dus ja, ik werd ook geïnspireerd door echte feiten. Het grappige aan dit alles is dat sommige mensen om me heen vertellen dat ze zich in mijn personages herkennen. Maar ik heb niemand gemodelleerd. Ik heb hier en daar kleine stukjes genomen en die samengevoegd.”

Heb u wel genoeg tijd om te schrijven naast al uw andere bezigheden?

“Het kostte me bijna een jaar om het te schrijven. Het is een tijdrovende bezigheid, maar het is een buitengewoon avontuur. In tegenstelling tot een show, heb je nu alleen woorden tot je beschikking die het werk moeten doen. Het moet eenvoudig zijn, je moet meteen ter zake komen en je moet proberen de lezer te bereiken”.

In deze roman spreekt u van “het negeren van misofonie”. Denkt u dat mensen te bereiken zijn zonder kennis van zaken? Wanneer kunnen we onszelf als een misofoon beschouwen?

“Volgens Thomas Dozier lijdt 15 tot 20% van de bevolking in de VS aan misofonie. Dat zijn er dus behoorlijk wat. Ik denk dat we allemaal wel een beetje misofoon zijn, maar dan op verschillende niveaus. Sommige mensen zijn echt fobisch, zoals we dat kennen bij arachnofobie (angst voor spinnen).

De reacties op mijn boek zijn heel erg verschillend. Veel mensen hebben me in vertrouwen genomen na het lezen van mijn roman. Sommigen hebben extreme, soms gewelddadige reacties. Het kan zelfs in haat veranderen. Het kan een leven totaal verpesten. Onder familieleden is het nog erger omdat deze geluiden in dat geval dagelijks terugkomen”.

Als u zou moeten kiezen tussen Damien en Alexis, met welk personage identificeert u zich dan het meest?

“Geen van twee!” (lacht) Daarna meer serieus: “Voor allebei. Tenminste, voor sommige aspecten van allebei. Aanvankelijk wilde ik maar één personage maken, maar ik vond het interessanter om een tweede personage erbij te zetten en ze te laten communiceren. Het is een beetje een dialoog met mezelf, de een staat voor de donkere kant en de ander voor het mooie deel”.

Kan uw roman bijdragen tot meer begrip voor misofonie?

“Ik hoop het. Ik stel het al op prijs als mensen het hebben gelezen. Dat is een eerste stap naar het luisteren en begrijpen van elkaar”.

In hoeverre wordt uw leven beheerst door misofonie? Wat zijn de geluiden die u het meest irriteren?

“Als je misofoon bent, heb je te maken met allerlei kleine geluiden die je brein volledig in beslag nemen en heb je dus grote moeite om nog aan iets anders te denken. Het is mij al op jonge leeftijd overkomen dat ik gesprekken niet kon volgen vanwege de geluiden die me omringden. Maar wat me het meest stoort, is kauwgom kauwen! Het ergste is dat je niet weet wanneer het zal stoppen. Ik vind kauwgom kauwen trouwens sowieso heel smerig. Sommige mensen houden hun kauwgom heel lang in hun mond, veel te lang. Wat me ook heel erg irriteert als mensen hun neus ophalen. Over het algemeen kun je stellen dat het openbaar vervoer de slechtste plek is om te zijn. Je wordt daar geconfronteerd met zo verschrikkelijk veel lawaai, om gek van te worden. Misofonie is permanent aanwezig. Iedereen probeert, als het even kan, er aan te ontsnappen. Soms zelfs met een helm op hun hoofd”.

Hoe maak u het op een nette manier aan iemand duidelijk dat hij of zij u ergert?

“Dat blijft altijd moeilijk. Zelfs als je zegt: Weet je, ik stoor me niet aan jou, maar aan het geluid dat je maakt! Dan probeer je het dus niet op de persoon te spelen, maar….. sorry, meestal kun je het niet sturen. En ik wil niet steeds degene zijn die loopt te…….. Hoe dan ook, er is aan beide kanten een gevoel van onbehagen. We zullen op een of andere manier samen moeten leven, toch?”

Aart Sierksma

Bron: Les Misophones : des bruits parasites à la haine… il n’y a qu’un pas! ljdc [Alexandra Tasic]

Les misophones,Bruno Salomone, éditions Le Cherche-Midi, 18/04/2019, 272 pages, 17 €.

 

* Misofonie is een aandoening waarbij specifieke geluiden heftige gevoelens van woedehaat of walging oproepen. Letterlijk betekent misofonie haat van geluid, van het Griekse μῖσος (misos) “haat” en φωνή (phónè) “stem, geluid”. Het gaat bij misofonie om specifieke geluiden, niet om geluid in het algemeen. Misofonie is vooral een afkeer van geluiden die door mensen geproduceerd worden, zoals mond- en keelgeluiden (smakken, slikken, ademen, neus ophalen, etc). Ook geluiden als typen op een toetsenbord, klikken met een pen en lopen met hakken op een harde vloer zijn veelvoorkomende triggers. Over het algemeen gaat het om neutrale en zachte geluiden. Wat iemand triggert verschilt van persoon tot persoon. Doordat er een hyperfocus (overconcentratie) voor bepaalde geluiden ontstaat, zijn mensen met misofonie in staat om deze geluiden boven alles uit te horen. Deze hyperfocus speelt een centrale rol bij misofonie.