Ontdek Auxerre vanuit een elektrisch bootje

Vanaf mei is het mogelijk om een elektrisch bootje te huren in Auxerre, maar het heeft aardig lang geduurd voordat de gang er een beetje in kwam.

Ze varen al 20 jaar op de Yonne en het canal du Nivernais. Kleine elektrische bootjes, beheerd door het toeristenbureau en vervolgens door het Maison du vélo. Ze zijn een onderdeel geworden van het zomerlandschap.

Een ongewone manier om Auxerre te ontdekken al moet je er wel even de tijd voor nemen: de topsnelheid is 9 km/u. ‘We zagen een bootje varen toen we op de kade stonden en zeiden tegen elkaar: dat willen wij ook’, legt een familie uit het departement de Ain uit voordat ze aan boord gingen. ‘Dit is een mooie kans om ons een dagje met de hele familie te vermaken en dan ook nog zonder moe te worden.’

Boten aan de kade

Het seizoen, dat tot eind september loopt, is een speciaal seizoen geworden voor de beheerders van deze vloot. Door de Covid-crisis en de lockdown zijn de boten lange tijd aangemeerd gebleven.

We zijn dit jaar pas op 11 mei gestart’, legt Jean-Philippe Duret, een van de leden van het Maison du vélo-team, uit. Maar op dat moment waren er geen klanten: de kades en het Parc de l’Arbre sec aan de Yonne waren gesloten. In juni begonnen de activiteiten heel geleidelijk op gang te komen en vanaf half juli liep het weer zoals van ouds. Ik denk dat we tot eind september open blijven. Hopelijk hebben we volgend jaar een normaal seizoen en hoeven we niet te verdwijnen.’

Maison du vélo d’Epinal © JF Hamard

Of het nu gaat om het verhuren van boten of om de hoofdactiviteit, namelijk het verhuren van fietsen, het seizoen is pas in juli op stoom geraakt. ‘In deze branche is het zo dat hoe meer boten er varen, hoe meer ze gezien worden, hoe meer ze gevraagd worden’, vat Jean-Philippe Duret samen. ‘We konden op een gegeven moment de vraag zelfs niet meer aan. We adviseerden de mensen om vooraf te reserveren. Niet gemakkelijk natuurlijk in zo’n periode na de lockdown, waarin we alles uit de kast wilden halen. We hadden er dagen tussen zitten dat er wel dertig blauwe bootjes uitvoeren.’

 

Stad of platteland

Hoe komt het dat dit zo’n succes is geworden? ‘Het is een leuke manier om met de familie een dagje door te brengen. Kinderen kunnen het roer overnemen en een stukje varen. En je hebt de mogelijkheid om Auxerre eens van een heel andere kant te bekijken, zo van het water. Het is ook nog eens een prachtige stad. En wat het extra leuk maakt is dat je van de stad via het stadion en de Auxerre-expo ook naar het achterland kunt varen. Twee gezichten en twee totaal verschillende sferen van Auxerre en haar omgeving.’

Aart Sierksma

Bron: Auxerre se découvre autrement grâce aux petits bateaux électriques [Marc Charasson]

 

Dit bericht is 89 keer bekeken

Kerstbomen

We gaan geen dode bomen in het centrum neerzetten?’ De burgemeester van Bordeaux, Pierre Hurmic, zette met deze verklaring de kerstboomstrijd in vuur en vlam.

Of het nu gaat om de Tour de France in Lyon of de kerstboom in Bordeaux, de nieuwe milieubewuste burgemeesters nemen geen blad voor de mond. En de onderwerpen stapelen zich op. Vaak heeft het te maken met radicale ideeën tegen Franse tradities of het streven naar een nieuwe groenere aarde? Dit keer zijn de producenten van kerstbomen in de Morvan de klos.

CO2-opname

De familiekwekerij van Jean-Christophe Bonoron produceert al 50 jaar kerstbomen in de Haut Morvan en sinds zeven jaar is hij de leverancier van DE boom, die met Kerstmis op de binnenplaats van het Elysée wordt geplaatst: ‘Ik vind het erg onnozel om een kerstboom te gaan verbieden. Iedereen weet toch dat dat een normaal cultuurgewas is. We kappen de boom om en planten een nieuwe. De Élysée-boom wordt niet gekapt in het bos, het is gewoon een gekweekte boom.’

Jean Christophe Bonoron, die tevens vice-voorzitter is van de Association française pour les arbres de Noël naturels, begrijpt het voorstel van de burgemeester van Bordeaux niet. ‘Wij, de producenten, houden ons al veel bezig met ecologische kwesties. We hebben veel respect voor het milieu. De boom is een zelfstandig groeiend gewas. We bevloeien onze gewassen niet en de bomen absorberen veel kooldioxide. Het CO2 eindresultaat van een kerstboom is buitengewoon positief.’

Om de kwaliteit van de sparren in de regio te bevorderen, heeft Jean-Christophe Bonoron ook het voorzitterschap van de gloednieuwe afdeling Sapin du Morvan met de beschermde geografische aanduiding indication géographique protégée (IGP) op zich genomen, die binnenkort van start gaat.

Onze tradities

Zou er een nieuwe trend kunnen ontstaan en is het te verwachten dat de natuurlijke kerstboom uit de tijd raakt? Jean-Christophe Bonoron gelooft er niks van. ‘Kun je je de teleurstelling van een kind zonder kerstboom voorstellen? Het maakt deel uit van onze tradities, het brengt ons terug naar onze roots. We gaan de kerstboom nog lang niet afschaffen.’

Tijdens een bijeenkomst van professionals vorige week bleek dat de vraag naar kerstbomen zelfs toeneemt. ‘We hebben veel bestellingen in het voorseizoen gehad’, vervolgt de kweker. ‘Na de lastige Covid-periode willen mensen weer samenkomen en met hun familie kerst vieren.’

En tot op de dag van vandaag heeft het Élysée geen contact opgenomen met Jean-Christophe om te stoppen met DE kerstboom, die elk jaar door de association Française du sapin de Noël naturel wordt aangeboden aan het Élysée.

Kort:

De kerstboomteelt vertegenwoordigt 1.000 vaste banen, plus 5.000 seizoenarbeiders tijdens de intensieve werkperiode (7 banen per 100 hectare).

Het aantal verkochte natuurlijke kerstbomen in Frankrijk wordt geschat op 6,1 miljoen.

De Franse productie bevindt zich voornamelijk in de Morvan, de belangrijkste productieregio met een miljoen bomen op 1.500 hectare, wat neerkomt op een kwart van de nationale productie.

2 miljoen sparren worden geïmporteerd uit België (60%) en Denemarken (25%).

Het duurt 5 tot 10 jaar, afhankelijk van de gewenste grootte, om een kerstboom te verkrijgen. Deze productie wordt beschouwd als een landbouwactiviteit.

Cijfers van het Ministerie van Landbouw en Voedselvoorziening (2019).

.

Aart Sierksma

Bron: Sapins de Noël: une polémique incompréhensible pour les producteurs [Alice Emorine]

Dit bericht is 198 keer bekeken

Woning te koop in de Nièvre

Na een stilstand van twee maanden, vanwege de lockdown, werden de vastgoedtransacties in juni en juli weer hervat. Er zijn op dit moment beduidend meer mensen uit de regio Ile-de-France die op zoek zijn naar huizen op het platteland, waarbij ze profiteren van de nog steeds lage rente en verkoopprijzen.

Van het ene op het andere moment kwamen we terecht in een periode van onzekerheid: na een goed jaar in 2019 en een goede start in 2020, kwam de vastgoedsector van maart tot mei van dit jaar volledig tot stilstand. Ondanks de angst voor zowel een psychologisch effect als voor economische instabiliteit, was er geen weg terug. Zodra we de bezichtigingen weer konden hervatten zagen we een stijgende lijn’, zegt Jean-Claude Beugnot, voorzitter van de FNAIM 58, opgelucht. ‘De mensen wilden gewoon doorgaan met waar ze mee bezig waren, waardoor we vrij snel de draad weer konden oppakken’.

Twee keer zoveel vraag

Vooral Parijzenaars zijn op zoek naar een woning in een rustige omgeving. Velen zijn getraumatiseerd door de lockdown en het zo dicht op elkaar wonen. Ze willen naar Nevers of nog liever naar het platteland. Directeur van het agentschap Century 21 in Clamecy, Marc Ducreux bevestigt: ‘We zien een explosieve groei in de vraag naar zowel hoofdverblijven als naar tweede woningen. Er zijn veel aanvragen van mensen uit de regio Ile-de-France die op zoek zijn naar een landhuis met een tuin, om er even tussenuit te zijn en misschien ook wel om te investeren in een vaste verblijfplaats. En de cijfers liegen niet. In mei, juni en juli hadden we twee keer zoveel aanvragen als voorheen: Van 80 tot 100 dossiers van voor de crisis tot 200 per maand op dit moment.’

En wat opvalt is dat er geen enkel onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende districten’, zegt Marc Ducreux, wiens activiteiten zich uitspreiden van Cosne (met een tweede agentschap van zijn broer) tot Clamecy via Corbigny en La Charité-sur-Loire. ‘Een van de troeven van dit gebied, helaas voor de verkopers, is uiteraard de prijs. In de omgeving van Clamecy ligt de gemiddelde prijs per vierkante meter rond de 500 euro, vergeleken met 1.000 euro in Nevers… En meer dan 10.000 euro in Parijs. Resultaat: Het is eenvoudig om hier een huis te vinden voor minder dan 50.000 euro.

Bovendien blijft de rente laag, hoewel de makelaars opmerken dat de banken voorzichtiger zijn met het verstrekken van krediet aan kopers zonder onderpand. ‘Ze willen op zijn minst een aanbetaling om de notariskosten te dekken. Maar soms zien we toch ook dat jongeren zonder borgstelling een financiering krijgen’, zegt Marc Ducreux.

Bij het makelaarskantoor Morvan Patrimoine in Château-Chinon bevestigt Myriam Thenin de positieve ontwikkeling in de Morvan: ‘We hadden het erg druk in juni en juli en al gauw honderd e-mails per dag tijdens de lockdown. Parijzenaren die de stad willen verlaten. Maar dat niet alleen. Ook aanvragen vanuit de lokale bevolking, vooral jonge mensen die op eens een woning zoeken’.

Myriam Thenin zag ook mensen uit de Haute-Savoie, Franche-Comté en een koper uit Corsica. ‘Wat de buitenlanders betreft zien we dat de Nederlanders vooral zoeken via de hier gevestigde Nederlandse makelaars en dat de Belgen weer meer bij ons aankloppen. De vraag concentreert zich nu vooral op kleine huizen met kleine percelen, en internet’, zegt Myriam Thenin, ‘wat natuurlijk alles te maken heeft met de mogelijkheid om te kunnen telewerken.’

De Morvan heeft veel troeven in huis, maar er is één voorwaarde: het internet moet goed en snel werken. ‘We zijn niet ver van Parijs en hebben een relatief goede infrastructuur, met de bus ben je voor 1,50 euro in Nevers. Daarnaast hebben we schitterende meren, een prachtig landschap, huizen met karakter en ……. de huizenprijzen.

Hetzelfde geldt voor Moulins-Engilbert, bij Immobilière du Château, waar Jean-Michel Chapelin ‘een overduidelijke ontwikkeling’ noteert. ‘Als het zo doorgaat, krijgen we een uitzonderlijk jaar! Onze klantenkring is niet beperkt tot Parijzenaren. We hebben veel aanvragen uit de Lyonnais, maar ook lokale aspirant kopers en wat buitenlanders. Waarschijnlijk hopen ze op tijd te zijn voordat de prijzen stijgen. Wat zeldzaam is, wordt duurder’, is zijn devies.

Er is een tekort

Het eerste gevolg van deze hernieuwde belangstelling is dat het aantal te koop staande woningen nu al begint op te raken. ‘We hebben de voorraad al flink zien dalen,’ geeft Marc Ducreux toe. Zelfs in Nevers merkt Jean-Claude Beugnot op: ‘We hebben nu al een tekort aan woningen in de verkoop. Vandaar dat we flyeren en eigenaren uitnodigen om hun huis te koop te zetten. In de Morvan bijvoorbeeld zijn huizen tussen de €40.000 en €70.000, het meest gewild en die beginnen aardig op te raken.

Geen prijsverhoging

Aan de andere kant heeft deze sterkere vraag de prijzen vooralsnog niet opgedreven. ‘Sommige verkopers hebben het wel over een hogere prijs, maar we zitten hier niet in Parijs,’ zegt Jean-Claude Beugnot. ‘De prijzen zijn niet gestegen maar zelfs licht gedaald, in tegenstelling tot wat we dachten’, merkt Marc Ducreux op.

We hopen dat deze opleving de verliezen van twee maanden lockdown kunnen compenseren. We moeten in staat zijn om de verloren omzet in te halen’, zegt Marc Ducreux. Jean-Claude Beugnot is voorzichtiger: ‘Het laatste kwartaal van dit jaar zullen we de balans opmaken. Er is sprake van een inhaalslag, maar er zijn nog steeds onzekerheden. We hebben veel gehoord over telewerken, wat de kleine steden ten goede kan komen. De ontwikkeling van de economische situatie, en dus van de werkgelegenheid, zal de komende maanden ook van essentieel belang zijn voor de vastgoedmarkt.’

Aart Sierksma

Bron: Immobilier : une forte reprise des ventes dans la Nièvre après l’épisode de confinement [Alain Gavriloff]

Dit bericht is 391 keer bekeken

De heksen van Chéu

Het verleden van het kleine dorp Chéu, in de Florentinois, heeft iets huiveringwekkends. Dertien eeuwen lang werd de gemeente ervan beschuldigd het hol van de duivel te zijn en door heksen te worden bevolkt.

Op het eerste gezicht lijkt het niet logisch. Het dorp Chéu ligt er vredig bij. Ver weg van het angstaanjagende verleden.

Er doen veel verhalen de ronde. Ze worden van generatie op generatie verteld: Koeien die gek worden, langdurig raadselachtig geschreeuw in de nacht, jonge vrouwen die letterlijk bezeten zijn, schapen die met elkaar vechten, kinderen die op mysterieuze wijze sterven… Tussen de 6e en 19e eeuw was Chéu het toneel van een echte heksenjacht die duurde tot 1829. In dat jaar werd het dorp verwoest en ‘gezuiverd’ door een enorme brand. Bijna tweehonderd jaar later hangt de schaduw van de legende nog steeds over het dorp.

Er is echter niets dat ons doet herinneren aan die woelige tijden. Geen monument, niets. Alleen in het archief van de gemeente en in de bibliotheek van Saint-Florentin kun je wat documenten vinden over deze heksenverhalen.

De reputatie van Chéu was zo rampzalig dat zowel de kerk als het Parlement van Parijs gealarmeerd werd. Om het kwaad te bestrijden werden vanaf 1691 allerlei maatregelen getroffen: kruisbeelden plaatsen, dode kraaien aan deuren hangen en zelfs brandstapels oprichten om vrouwen te doden die heksen zouden zijn. Ook de ‘koud water beproeving’ (het proces bij de rivier) werd in ere hersteld. Iedereen die verdacht werd van hekserij werd in het water gegooid: als het lichaam zonk, werd het door God ontvangen en was hij of zij dus onschuldig. Als het lichaam bleef drijven was dat het bewijs dat de verdachte schuldig was. Maar veel inwoners van Chéu wisten hoe ze moesten zwemmen en wisten om deze manier te ontkomen. De autoriteiten verklaarden dit als een truc van de duivel.

Montesquieu meldt dat de meeste van de van hekserij beschuldigde vrouwen oud, kwetsbaar en zelfs skeletachtig waren, omdat ze in de marge van de samenleving leefden. Ze hadden daarom de neiging om te blijven drijven. Deze test werd al toegepast in Mesopotamië, waar ze dit ‘het oordeel van de rivier’ noemden.

Een radicalere aanpak

Vanaf dat moment koos de overheid voor een andere aanpak. De verdachte werd nu vastgebonden voordat hij in het water werd gegooid. Deze aanpak had meer resultaat: ofwel hij verdronk, wat een teken was dat hij een goed christen was en een herinnering aan God. Of hij zou naar boven komen, wat betekende dat hij door God werd afgewezen en dus schuldig was. De verdachte werd daarna opgehangen en verbrand. Er wordt geschat dat in Chéu tientallen mannen, vrouwen en kinderen op deze manier zijn gedood.

Het was nogal vreselijk, maar het was meer uit onwetendheid dan uit boosheid. Chéu was een naar binnen gekeerd dorp. Als iemand vandaag de dag koorts heeft, neemt men aan dat hij ziek is. Vroeger werd je dan al snel als heks beschouwd. Ik ben er niet trots op, maar dat is onze geschiedenis. Het komt regelmatig voor dat mensen willen weten wat er hier vroeger speelde. Ik vertel deze legende dan met plezier en besluit mijn verhaal altijd met de zin: En in 1829 werd ons dorp gezuiverd,’ aldus burgemeester Maurice Henriot.

Dit legendarische verhaal zou mettertijd paradoxaal genoeg een echte toeristische trekpleister voor Chéu kunnen worden. De heksen hebben waarschijnlijk hun laatste woord nog niet gezegd…

Sinds 2009 wordt elk laatste weekend van september de heksendag georganiseerd. Het zal dit jaar niet plaatsvinden, vanwege de gezondheidscrisis.

Aart Sierksma

Bron: L’ombre des sorcières de Chéu [Nicolas Ruiz]

Dit bericht is 230 keer bekeken

Wanneer mag je het gras maaien

Op welk tijdstip kan ik mijn grasmaaier gebruiken? Voor het maaien van het gazon en, in het algemeen, het gebruik van lawaaierig tuin- of doe-het-zelfmateriaal zijn regels opgesteld, die van gemeente tot gemeente verschillen. Mensen die zich er niet aan houden kunnen een boete krijgen.

De maairegels

Besluit nr. 2006-1099 van 31 augustus 2006 betreffende de bestrijding van het buurtlawaai bepaalt dat ‘geen enkel bepaald lawaai door de duur, herhaling of intensiteit ervan schadelijk mag zijn voor de rust in de buurt of voor de gezondheid van de mens, op een openbare of particuliere plaats.’

Dit besluit heeft betrekking op het gebruik van grasmaaiers en tractoren en geldt ook voor heggenscharen, bosmaaiers, kettingzagen, verticuteermachines, motorschoffels, frezen, stofzuigers, bladblazers, plantenvernietigers, maar ook voor boren, schaafmachines, elektrische zagen en hogedrukreinigers.

Sinds een wijziging in 1990 van het algemeen wetboek van lokale overheden, hebben de burgemeesters van de gemeenten algemene politiebevoegdheden gekregen om het buurtlawaai te bestrijden. Zij zijn bevoegd om een gemeentelijke verordening uit te vaardigen. Bovendien kan het lawaai in de buurt ook op departementaal niveau worden geregeld. Een prefectorale verordening kan regels vaststellen voor bijvoorbeeld het maaien van het gazon. Eigenaren moeten zelf bij hun gemeente en hun prefectuur nagaan of er een verordening bestaat.

De maaitijden

De toegestane maaitijden van het gazon verschillen per gemeente en per departement. Sommige gemeenten verbieden hun burgers om op zon- en feestdagen hun gazon te maaien. Hieronder staat een overzicht van de verschillende voorschriften die over het algemeen worden toegepast voor tuinieren en doe-het-zelf werk.

Op werkdagen

Maandag tot vrijdag van 8.30 tot 12.00 uur en van 14.00 tot 19.30 uur.

Op zaterdag

Van 9.00 tot 12.00 uur en van 15.00 tot 19.00 uur.

Op zondag

Van 10.00 tot 12.00 uur en in sommige steden van 16.00 tot 18.00 uur.

Op feestdagen

Van 10:00 tot 12:00 uur.

Risico’s die je loopt

Als het maaien van het gazon buiten de wettelijke tijdvakken plaatsvindt, kunnen de buren de politie of de gemeentepolitie bellen.

De dader kan dan een boete krijgen. Het bedrag van de boete in geval van niet-naleving is:

– 68 euro als de overtreder de boete onmiddellijk betaalt of binnen 45 dagen nadat hij schuldig is bevonden aan de overtreding.

– 180 euro na deze termijn.

Geluidsoverlast

Bij herhaalde geluidsoverlast is het raadzaam te beginnen met een goed gesprek. Een goed gesprek met de buren is vaak al voldoende.

Als dit niets oplevert, is het goed om naar het gemeentehuis of de prefectuur te gaan om te controleren of er een gemeentelijke of prefectorale verordening is waarin de maaitijden staan beschreven. Het slachtoffer kan dan een eenvoudige brief sturen naar zijn of haar buren met het verzoek om hun activiteit te stoppen, op basis van de geldende regelgeving.

Bij geen antwoord of als de overlast voortduurt, kun je het beste opnieuw een brief sturen, maar dit keer per aangetekende brief met ontvangstbevestiging. Tegelijkertijd kan het handig zijn om een derde partij in te schakelen, zoals andere buren die ook last hebben van de geluidsoverlast.

Als de overlast aanhoudt, is het het beste om een deurwaarder in te schakelen die de overlast vaststelt. Dit verslag kan van onschatbare waarde zijn in het geval van een rechtszaak. Als je van mening blijft dat het maaien van het gazon buiten de toegestane uren nadelig voor je is, kun je de zaak doorverwijzen naar de rechtbank. Om de realiteit van de schade aan te tonen en het bedrag van de schadevergoeding te bepalen, moet je de rechtbank zoveel mogelijk bewijs leveren: uitgewisselde brieven, getuigenissen van andere buren, rapporten van de politie, het proces-verbaal van de gerechtsdeurwaarder of zelfs een petitie van de buurt. Aan de andere kant zijn foto’s en video’s die zonder medeweten van de onruststoker zijn gemaakt niet toelaatbaar.

Waarschuwing: als het vermoedelijke slachtoffer de rechtszaak verliest of als de procedure als onrechtmatig wordt beschouwd, kan de klager een boete van maximaal 3000 euro krijgen en verplicht worden een schadevergoeding te betalen aan de beschuldigde buren.

Het is ook mogelijk om de zaak buiten een gerechtelijke procedure om door te verwijzen naar een gerechtelijke bemiddelaar. Deze procedure is gratis. Er is een website om de contactgegevens van de dichtstbijzijnde bemiddelaar te vinden: https://www.conciliateurs.fr/Trouver-une-permanence

Bron: À quelles heures et quels jours peut-on tondre sa pelouse ? [Jean-Philippe Dubosc]

Dit bericht is 323 keer bekeken

In de voetsporen van de Grand Meaulnes

  Alain-Fournier heeft met één enkele roman meerdere generaties ingrijpend veranderd. Le Grand Meaulnes is het verhaal over een adolescentie vol herinneringen en mysteries. Hij was de auteur met slechts één roman, gepubliceerd in 1913. Dit unieke werk werd direct heel enthousiast ontvangen waardoor Alain-Fournier al snel tot één van de beroemdste schrijvers van zijn tijd werd gerekend.

Onmiddellijk succes

  Alain-Fournier, zijn echte naam was Henri-Alban Fournier, is geboren op 3 oktober 1886 in La Chapelle-d’Angillon, een gemeente in het noorden van de Cher, in het huisje van zijn grootouders van moederszijde. Het huis staat er nog steeds en wordt onderhouden alsof de tijd er geen vat op heeft gehad. Hij stamde uit een onderwijsgezin en kreeg les van zijn vader, die in 1891 werd benoemd tot directeur van de school van Épineuil-le-Fleuriel, waar hij tot 1898 verbleef. Daarna verhuisde hij naar Parijs en woonde drie jaar in het internaat van het Lycée Voltaire. Na een mislukte poging om op de marineschool in Brest te komen, keerde hij terug naar Bourges om daar zijn eindexamen te doen. Aansluitend probeerde hij, zonder succes, toegelaten te worden tot een lerarenopleiding.

  Eén ontmoeting zal de rest van zijn korte leven markeren en hem inspireren tot het schrijven van het verhaal van de Grand Meaulnes. Hij werd verliefd op Yvonne de Quiévrecourt die hij in juni 1905 op de trappen van het Grand Palais in Parijs had ontmoet. Jammer genoeg een onbeantwoorde liefde. Na zijn militaire diensttijd werd hij in 1910 redacteur bij Paris-Journal en begon hij de Grand Meaulnes te schrijven, die hij in 1913 voltooide. Een roman die eerst als een kort verhaal verscheen in La Nouvelle Revue Française (juli tot november 1913), daarna in boekvorm bij Émile-Paul. Het boek werd als een meesterwerk onthaald en miste op een haar na, in de tiende stemronde, de prestigieuze Prix Goncourt.

  Zodra de Eerste Wereldoorlog uitbrak, kwam Alain-Fournier als luitenant infanterie aan het front van Lotharingen. Op 23 augustus 1914 nam hij deel aan drie veldslagen rond Verdun waarbij veel doden vielen. Eind september werd een deel van zijn regiment als vermist opgegeven. Hij was nog geen achtentwintig jaar oud. Pas in mei 1991 werden de stoffelijke overschotten in een massagraf ontdekt. Zes maanden later is het lichaam van Alain-Fournier samen met dat van zijn strijdmakkers begraven op de militaire begraafplaats Saint-Remy-la-Calonne (Meuse).

Een roman, een reis

  Le Grand Meaulnes wordt vaak vergeleken met een literaire reis. Een reis doordrenkt met nostalgie naar de kindertijd en de adolescentie. Op het platteland van de Berry ontstaan de eerste emoties van liefde en vooral de grenzeloze bewondering voor de grote zeventienjarige Meaulnes, met wie alles mogelijk lijkt. ‘De komst van Augustin Meaulnes was voor mij het begin van een nieuw leven’, schreef de held François. ‘Een Meaulnes die na een reis naar Vierzon enkele dagen verdwijnt om daarna, in het kostuum van een markies onder zijn schooluniform, als een andere persoon terug te keren.Het is een aaneenschakeling van vreemde gebeurtenissen waarin alle literaire bronnen van betovering, mysterie en romantiek met elkaar vermengd worden.

Musée Alain-Fournier

  In 1991 is de school van Alain Fournier omgevormd tot een museum, een museum dat de kindertijd van de schrijver vertelt. ‘Het is een typische school uit de Derde Republiek, alles in de oorspronkelijke staat hersteld, volgens de verhalen van Isabelle, Alain-Fournier’s zus,’ verklaart Patricia, een gids en oud-leerlinge van school. Tijdens het bezoek vertelt ze vele anekdotes over het leven van de familie Fournier: ‘Marie-Albanie, de moeder van de familie, werd de eerste onderwijzeres op deze jongensschool in 1893. Haar gehandicapte dochter Isabelle was een van haar leerlingen’, vertelt ze.

Tussen fictie en werkelijkheid

  De familie Fournier was zeer bescheiden en tegelijkertijd erg gerespecteerd. Ze woonden in een appartement en sliepen met vier mensen in een kamer van 12 vierkante meter. De steden en plekken in het boek zijn plaatsen in de Cher hoewel de roman zich volgens Alain-Fournier afspeelt in Sologne. ‘Vierzon is Urçay, een dorp 9 kilometer verderop en La Gare is eigenlijk Vallon-en-Sully, een dorp dichtbij Épineuil-le-Fleuriel’, zegt de gids. De personages in de roman zijn ook geïnspireerd door mensen die de auteur in zijn leven heeft ontmoet. Yvonne de Galais, een van de hoofdfiguren, is Yvonne de Quiévrecourt, waar de schrijver smoorverliefd op was. François Seurel en Augustin Meaulnes vertegenwoordigen het zachtaardige en het opstandige deel van de schrijver. De bezoekers kunnen legio foto’s, door de schrijver zelf gemaakt, bekijken. Zijn neven en nichten, zijn oom of zijn moeder…..

Tentoonstelling over de school in 1900

  Van 1 juli tot 31 augustus is de tentoonstelling Op weg naar school te zien. Bezoekers kunnen de school uit die tijd beter leren kennen, door middel van verschillende boeken, posters, notitieboekjes en schoolkinderkleding. Het museum is geopend van 1 juli tot en met 31 oktober, van woensdag tot en met zondag van 10.00 tot 12.00 uur en van 14.00 tot 18.00 uur. De school is gelegen in het dorp Epineuil-le-Fleuriel, rue Alain-Fournier 8.

Pléiade

  Op 20 maart 2020 is Le Grand Meaulnes toegelaten tot La Pléiade. Alain-Fournier is een van de zeldzame auteurs die één enkele roman heeft geschreven die in deze prestigieuze collectie zal worden gepubliceerd.

  Noot van de vertaler: De Bibliothèque de la Pléiade is een Franse redactionele collectie die in 1931 werd gecreëerd door Jacques Schiffrin, een onafhankelijke jonge redacteur. Schiffrin wilde het publiek referentie-uitgaven van de volledige werken van klassieke auteurs in zakformaat aanbieden.

Aart Sierksma

Bron: Sur les traces du Grand Meaulnes entre Berry et Sologne [Frank Simon],Dans les pas du Grand Meaulnes [Blanche Joffrin]

Dit bericht is 68 keer bekeken

Joë Bousquet en Anne Frank

In twee wereldoorlogen in één eeuw, werden de levens van Joë Bousquet (1897-1950) en Anne Frank (1929-1945) verwoest. Hij werd op twintigjarige leeftijd doorboord door een Duitse kogel waardoor hij voor de rest van zijn leven aan zijn bed gekluisterd was. Zij werd gedwongen onder te duiken om aan de nazi’s te ontsnappen.

In de rue de Verdun op nummer 53, midden in Carcassonne staat het huis waar Joë Bousquet woonde en dat tegenwoordig aangeduid wordt als: Maison des Illustres.

Boven ziet zijn kamer eruit zoals je je kunt voorstellen, nog helemaal intact. Een bed omgeven door boekenkasten met alles binnen handbereik: papier, zijn pen en zijn opiumpijp. Een leven bij het licht van lampen en kaarsen, achter luiken die dag en nacht gesloten blijven. Daar leefde, creëerde en leed de in Narbonne geboren dichter drie decennialang.

Steeds weer als de lengte van mijn lijden ondraaglijk leek, vergoelijkte ik onmiddellijk mijn beproeving, alleen al door te kijken naar de schilderijen waarmee mijn vriend me had omringd, waarmee hij me vormde en beschermde.’

Joë Bousquet (Uit een ander leven)

Die vriend is de schilder Max Ernst (1891-1976) en Joë Bousquet deelt een ongelooflijke herinnering met hem. Op 27 mei 1918, toen luitenant Bousquet in Vailly (Aisne) gewond raakte, maakte Max Ernst, ook een luitenant in het kamp van de tegenpartij, deel uit van het bataljon dat de aanval afsloeg.

Jaren later ontmoetten ze elkaar weer, toen de schilder hem in Carcassonne kwam opzoeken, nadat hij hem een eerste schilderij had gestuurd. ‘Een prachtig doek’, schreef Joë Bousquet, ‘een schitterend bos […] als een bodemloze spiegel waarin materie zich vernieuwt als een waterval.’

Ik heb alleen nog het levende licht van mijn ogen. Ik bewoon dat deel van mijn wezen dat aan de doodgravers zal ontsnappen.’

Joë Bousquet leeft niet bepaald als een kluizenaar. Hij schrijft, wordt bekend, gaat een tijdje om met de surrealisten uit die tijd. Veel schrijvers en dichters, zowel uit Parijs als uit de rest van Frankrijk, komen bij hem op bezoek: Paul en Gala Éluard, met wie hij correspondeerde, Louis Aragon en Elsa Triolet, Simone Weil, André Gide, Paul Valéry, Jean Cassou, Yanette Delétang-Tardif, Christiane Burucoa, François-Paul Alibert en Ferdinand Alquié uit Carcassonne…

En zoals je niet vaak ziet, speelt Joë Bousquet, vele malen onderscheiden voor zijn rol in de Der des Der ( dernières des dernières guerres), ook nog een belangrijke rol in het verzet als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt. Bijna onder de neus van de Duitsers die het appartement van zijn buurman bezochten.

Anne Frank, twee jaar ondergedoken

Van de ene oorlog naar de andere, van het ene land naar het andere, verlaten we Joë Bousquet om Anne Frank te herdenken. Haar familie vluchtte in 1933 naar Nederland.

Na 1940 komt er een einde aan het goede leven: de oorlog, de capitulatie en de Duitse invasie stort ons in het verderf.’ (uit: het Achterhuis)

De Joden krijgen te maken met een opeenstapeling van verboden: niet meer mogen fietsen, geen trams, geen theaters, geen bioscopen, geen zwembaden, geen tennisbanen… ‘Ik durf niets meer te doen, omdat ik bang ben dat het verboden zal worden’, zegt een van haar vriendinnen.

In juli 1942 vindt Anne op dertienjarige leeftijd met haar familie en een paar vrienden met hun zoon onderdak in het Achterhuis, dat deel uitmaakt van het kantoor waar haar vader werkte. ‘Ik voel me benauwd, onbeschrijfelijk benauwd door het feit dat ik er nooit meer uit kom, en ik ben erg bang dat we ontdekt en neergeschoten zullen worden,’ schrijft ze in haar dagboek.

Dit dagboek kreeg ze een paar weken eerder, op 12 juni 1942, voor haar verjaardag. Waarschijnlijk een van mijn allermooiste cadeaus ooit’, noteert ze op die eerste dag. ‘Ik hoop dat ik je alles kan vertellen zoals ik dat aan niemand anders zou kunnen. Ik hoop ook dat je een grote steun voor me zult zijn.’

Twee jaar lang schrijft ze. ‘Dit dagboek moet heel erg persoonlijk zijn, daarom schrijf ik het in briefvorm aan een vriendin’, schrijft ze op de eerste pagina’s. ‘En die vriendin heet Kitty.’ Aan haar vertelt ze dus alle ontelbare details uit haar ondergedoken bestaan, zwevend tussen hoop en verdriet, maar ook haar meest intieme gedachten, haar blijdschap, haar verdriet en haar dromen? In maart 1945 stierf Anne in Bergen-Belsen. Van alle onderduikers uit het Achterhuis die op 4 juni 1944 werden gearresteerd, keerde alleen haar vader terug.

Aart Sierksma

Bron: Joë Bousquet, Anne Frank, deux vies confinées par la guerre [Martine Pesez]

Dit bericht is 92 keer bekeken

Het Château de La Clayette eindelijk weer open voor publiek

In de afgelopen jaren heeft het kasteel bij wijze van uitzondering groepen mensen kunnen ontvangen. Maar deze zomer is daar verandering in gekomen. Drie keer per week kan het publiek nu bepaalde delen van het kasteel bezoeken, die nooit eerder toegankelijk waren. Zoals de Paray-toren, die sinds de 15e eeuw overal bovenuit steekt.

Bij het toeristenbureau van La Clayette hoeven ze niet langer mensen teleur te stellen. ‘Een paar jaar geleden begon de ellende: Het kasteel is gesloten voor publiek. Steeds dezelfde frustrerende mededeling. Maar we hebben nu een primeur, we kunnen maar liefst drie bezoeken per week aanbieden’, kondigt voorzitter Joseph Kadlec van l’office de tourisme Sud Brionnais trots aan. Reden te meer voor zijn glimlach: ‘de afgelopen dagen hebben bezoekers de majestueuze Paray-toren aan de rand van de gracht kunnen beklimmen.’

Als een Eiffeltoren

Een team van vrijwilligers heeft in twee dagen bijna zeven ton schroot verwijderd van de eerste etage van deze toren. De toren die door de familie Chantemerle gebouwd is om het kasteel te versterken. Eenmaal ontruimd bleek het monument in een opmerkelijke goede staat op alle niveaus. ‘We vonden in een opening van de schoorsteen een wapen uit de Chantemerle-periode, dat nog nooit eerder was ontdekt. Een uitzonderlijke vondst’, zegt Patrick Rossignol, een vrijwilliger en liefhebber van de lokale geschiedenis. ‘Veel overblijfselen, zoals muurschilderingen, zijn in de 21e eeuw weer tevoorschijn gekomen. De afgelopen dagen zijn deze vergeten erfgoedschatten eindelijk te bezichtigen. Het publiek kan ook de stallen, de middeleeuwse keuken, de kapel en andere bijgebouwen van het kasteel bezoeken.’

Het kasteel is in de 14de eeuw gebouwd en daarna enkele keren verbouwd en gerestaureerd. Het blijft zaak om de precieze geschiedenis van deze ‘nieuwe’ plaatsen te achterhalen door het bestuderen van de nog beschikbare architectonische aanwijzingen en de archieven. We zijn ook van plan om de kelderoven open te stellen, de voorloper van de centrale verwarming, waaruit we twee ton kolen hebben verwijderd,’ vertelt Joseph Kadlec. ‘We hebben het vertrouwen van de familie de Noblet die het kasteel bewoont’ voegt hij eraan toe. ‘Ons doel is om iedereen de rijkdom ervan te laten ontdekken zonder de mensen die er wonen te storen.’

Bezoekers kunnen nu vanaf de Paray-toren naar de stad kijken in plaats van al die jaren vanuit de stad naar de toren. We zien een grote toestroom van vooral regionale bezoekers. ‘Het is een beetje als een Eiffeltoren, een juweeltje met een uitstraling over de hele regio’, besluit Arnaud Durix, gemeenteraadslid van Brionnais en voorzitter van l’Agence de développement touristique de Saône-et-Loire.

Het kasteel volgens Jean-Marie Jal

Voor liefhebbers van de Charolais-Brionnais en van het Bourgondische erfgoed is Jean-Marie geen onbekende. Deze vrijwilliger van het Centre d’études des patrimoines (gevestigd in Saint-Christophe-en-Brionnais) heeft een brochure samengesteld, die gewijd is aan de geschiedenis van het Château de La Clayette. ‘Het is al een eeuw geleden dat er aan het kasteel werd gewerkt, dit is de tweede keer,’ merkt de filosoof op, die geïnteresseerd is in alle fasen van de bouw en de restauratie van het kasteel. ‘Dit monument is de basis. Het is een samenvatting van alles wat er sinds de 14e eeuw op het gebied van architectuur is beoefend.’

We hebben de brochure al diverse keren moeten herdrukken. Het is de best verkochte brochure in de geschiedenis van het Centre d’études des patrimoines’, stelt Pierre Durix, directeur van het centrum, tevreden vast. ‘Er is behoefte aan kennis van de lokale geschiedenis en dat is goed nieuws.’

Praktische informatie

De brochure Le château de La Clayette: de la maison forte à la résidence is te koop voor € 15.

Voor meer informatie bel 03.85.25.90.29.

Aart Sierksma

Bron: Le château de La Clayette se dévoile enfin au public [Charlotte Rebet]

Dit bericht is 37 keer bekeken

Medische zorg op afstand

Tijdens de lockdown is van het ene op het andere moment digitale zorg op afstand ingevoerd.  Wat vinden de huisartsen? Hoe nu verder? Heeft deze periode iets nieuws opgeleverd of behoren de consultaties op afstand alweer tot een ver verleden?

In de Nièvre zijn sinds de lockdown meer dan 1000 consulten op afstand uitgevoerd door 300 professionals op een speciaal daarvoor gecreëerd plateforme régionale de télémédecine. En dan zijn de consulten van privé platforms, zoals Doctolib, niet meegerekend. Voor zowel artsen als patiënten lijkt deze vorm echter geen onverdeeld succes.

Zij zijn tegen

In Nevers verzekerde een arts me tussen twee afspraken door: ‘Ik heb heel wat digitale consulten gedaan, maar na de lockdown kap ik daarmee’. Zonder verdere uitleg.

In Sermoise geeft een secretaresse toe: ‘Daar zijn we mee gestopt. De dokter wil liever dat de mensen naar de praktijk komen, onze wachtkamer is groot genoeg. En we hebben eigenlijk ook niet veel Covid-gevallen gehad. Tijdens de lockdown hadden we twee tot drie consulten op afstand per dag voor mensen die kwetsbaar waren, maar sinds eind mei zijn we daar dus mee gestopt. We zouden het uiteindelijk wel kunnen gebruiken voor kleine problemen.’

Zij zijn voor

Omgekeerd ziet Dr. De Boerio consultatie op afstand als een echte kans om mensen in ver afgelegen gebieden medische zorg te bieden, ‘Ik heb mijn hele jeugd in La Charité doorgebracht, waar ik nog steeds een woning heb’, legt deze huisarts uit die nu in de regio Parijs werkt. Maar dankzij de digitale mogelijkheden biedt hij patiënten uit de Nièvre vier tot vijf avonden per week consultaties aan, van 20.00 uur tot middernacht. Hij werkt ook nog twee avonden per week voor de Samu.

Mensen uit de Nièvre vertegenwoordigen 15% van zijn patiënten. ‘Ik weet dat er in de Nièvre erg weinig artsen zijn, vooral in de omgeving van La Charité. Aangezien dit mijn lievelingsstreek is, bied ik deze consultaties op afstand aan. Mensen kunnen mij vinden via Doctolib. Dat zijn bijna altijd mensen die geen eigen huisarts hebben of waarvan de dokter op dat moment niet bereikbaar is. Dankzij consultatie op afstand hoeven ze niet te wachten in een wachtkamer, maar kunnen ze gewoon thuis op de bank, voor de tv wachten. En als ik beschikbaar ben, piept de computer en begint het consult. ‘s Avonds krijg ik veel verzoeken. Het kan bijvoorbeeld gaan om urineweginfecties, ischiaspijn, of spit. Het voorkomt dat patiënten de hele nacht moeten opblijven met pijn en moeten wachten tot de volgende dag om naar de dokter te gaan. Het stelt hen ook in staat om erg snel afspraken te maken voor laboratoriumtests, echografieën of röntgenfoto’s. Voor sommigen is dat van fundamenteel belang, omdat werkgevers vaak binnen 48 uur een verklaring eisen.’

Dr. De Boerio rekent een derde deel van de kosten, zodat patiënten niet te veel betalen, zelfs niet ’s nachts (ongeveer 20 euro).

Digitale zorg op afstand kan problemen in de Nièvre helpen verminderen. Iedereen in de Nièvre kan daardoor terecht bij specialisten in Nevers, Clermont-Ferrand, Dijon en zelfs in Parijs. Voor bepaalde medische specialiteiten gelden wel beperkingen, omdat men geen klinisch onderzoek kan doen: longziekten, kindergeneeskunde… Maar voor suikerziekte is er geen lichamelijk onderzoek nodig, en voor huidziekten zijn foto’s op smartphones meestal voldoende…’.

Zij zijn voor, maar…

In Garchizy voerde Dr. Vié vijftig tot zestig consulten op afstand uit tijdens de lockdown. Nu heeft hij er gemiddeld nog één per dag. Hij zegt: ‘Consultatie op afstand is een goede zaak, maar het heeft zijn beperkingen. De belangrijkste voordelen: Het stelde ons in staat om patiënten te spreken die niet naar buiten wilden uit angst voor het virus. En het kostte minder tijd, waardoor we extra tijd overhielden voor andere zorg. Maar ik zie ook nadelen. Er vindt geen klinisch onderzoek plaats, je kunt het niet controleren. Tijdens de lockdown heb ik enkele patiënten terug moeten bellen om zeker te zijn van de diagnose.’

Dr. Vié is van plan om ruimte te maken voor één of twee consulten op afstand per dag. Het idee zou zijn dat de medisch secretaresse patiënten doorverwijst die geschikt zijn voor dit soort afspraken. ‘Het kunnen mensen zijn die last hebben van allergieën of diabetici die stabiel zijn. Hoe dan ook, het moeten patiënten zijn die ik ken. En het kan niet systematisch zijn, het moet incidenteel blijven’.

In St. Eloi was Dr. Roche al in december begonnen met medische zorg op afstand. ‘Ik vond het heel geschikt voor het oplossen van kleine problemen zoals: eenmalig medisch advies, verlenging van recepten voor een patiënt op vakantie….. Alles wat geen klinisch onderzoek nodig had. Ik had vijf consulten per dag vrijgemaakt voor deze zorg. Tijdens de lockdown kwam niemand meer naar de praktijk, dus koos ik voor 100% zorg op afstand. Er kwam van alles en nog wat voorbij en ik hoefde niet één patiënt naar de praktijk te laten komen. Ik was in staat om veel dingen te regelen, zelfs longembolieën en tromboses. Het gaat ook sneller zo. Tien minuten in vergelijking met de gebruikelijke vijftien minuten. Alleen digitaal recepten uitschrijven kost wat meer tijd. Voor de patiënt is het vrij eenvoudig, behalve voor mensen die niet weten hoe ze computers moeten gebruiken. Ik heb heel veel patiënten uit de hele Nièvre gehad,maar ook uit Moulins en uit Parijs! Sinds de deconfiniëring heb ik vijftien consulten per dag aangehouden. Mensen moeten zich via Doctolib registreren. Wel ben ik gestopt met het opnemen van nieuwe patiënten voor zorg op afstand, omdat ik de geschiedenis van mijn patiënten wil kennen.’

De twee belangrijkste belemmeringen

1. De kosten

Het platform, dat door l’Agence régionale de santé is opgezet, is gratis. Privéplatforms, zoals Doctolib, hebben het voordeel dat ze populairder zijn, maar worden door de diverse praktijken betaald. ‘Voorlopig betalen we € 129 per maand per praktijk om op het platform te komen en €1 per consult. Maar ze onderhandelen opnieuw over de contracten voor oktober en overwegen, naast de € 129, een vast bedrag van € 79 per maand. Een deel zou worden gedekt door de sociale zekerheid, maar dat is nog steeds erg onduidelijk’, zegt Dr. Vié.

2. Het netwerk

We hebben nogal wat problemen met het internet gehad tijdens de lockdown’, vervolgt Dr. Vié. ‘En op 9 juni waren zelfs alle artsen in het medisch centrum 30 minuten offline, omdat alles geblokkeerd was. We hebben echt versneld een nieuw glasvezelnet nodig! Want de logische volgende stap voor deze zorg is medische expertise op afstand, met een verpleegkundige die voor dit soort praktijken is opgeleid en die de stethoscoop, de tensiometer of de otoscoop voor ons hanteert, bijvoorbeeld in een bejaardentehuis. Maar daarvoor heb je een netwerk nodig dat doet wat je vraagt.’

Aart Sierksma

Bron: Pour ou contre la télémédecine ? Les médecins de la Nièvre donnent leur avis [Marlène Martin]

Dit bericht is 95 keer bekeken

Testgebied voor opslag van elektriciteit

Hoe voorkom je dat overtollige electriciteit die op één plaats wordt geproduceerd, verloren gaat? Hoe kan de kwaliteit van het netwerk worden behouden in geval van een productiedaling? Om deze uitdagingen het hoofd te bieden, experimenteert de elektriciteitsnetbeheerder in Frankrijk met een opslagoplossing waarvoor ze drie locaties hebben geselecteerd: Fontenelle in Côte-d’Or, Ventavon (Hautes-Alpes) en Bellac (Haute-Vienne). De elektriciteitsproductie varieert enorm, afhankelijk van de weersomstandigheden […]’, meldt Elisabeth Bertin, regionaal afgevaardigde van het Réseau de transport d’électricité (RTE).

10.000 huishoudens

Bij Fontenelle is het experimentele project – genaamd Ringo – het verst gevorderd. Op woensdag 1 juli 2020 ontving RTE een vierde container om de door Nidec Asi geleverde accu’s in onder te brengen. In totaal zullen er tien containers worden geplaatst vóór de ingebruikname die gepland staat voor juni 2021. Ze maken het mogelijk om tot 24 megawattuur – het equivalent van het verbruik van 10.000 huishoudens – op te slaan.

De drie locaties zullen met elkaar worden verbonden, zodat het overschot aan energie dat bijvoorbeeld in Côte-d’Or wordt geproduceerd, in de Haute-Vienne kan worden teruggeleverd aan het netwerk. Het experiment, waarvoor de Commission de régulation de l’énergie (CRE) een budget van 80 miljoen euro heeft goedgekeurd, moet het dus mogelijk maken om het ‘stuursysteem’ van een installatie met meerdere locaties te verbinden. ‘Dit project dat voor een vlottere doorstroming van het ene naar het andere netwerk moet zorgen is een wereldprimeur en wordt over de hele wereld met veel belangstelling gevolgd’, zegt Franck Girard, directeur van Nidec France.

Verschillende soorten batterijen worden daarnaast getest door bedrijven die zijn geselecteerd voor het Ringo-project. Nidec gaat NMC (nikkel, mangaan, kobalt) lithium-ionbatterijen plaatsen. Blue Solutions (Bolloré), geselecteerd op een van de drie andere locaties, zal lithium-metaal-polymeer batterijen plaatsen.

Voor dit project’, zegt Elisabeth Bertin, ‘hebben we veel aandacht besteed aan de levensduur van de batterijen d.m.v. analyseonderzoek. Milieuaspecten hebben tegenwoordig een toegevoegde waarde en worden geintegreerd in het analyseonderzoek. ‘Maar’, zo benadrukt ze, ‘onze grootste uitdaging op dit moment is om deel te nemen aan de ontwikkeling van de opslagcapaciteit van energie in Frankrijk’.

De Bourgogne Franche-Comté produceert 1.700 megawatt dankzij hernieuwbare energieën.Dit is te vergelijken met twee nucleaire centrales. In 2019 is de hernieuwbare energieopbrengst met 8% toegenomen ten opzichte van 2018 en is de productie ervan met 21,5% gestegen. De productie van windenergie is het sterkst gestegen (+14%), vóór die van zonne-energie (+8%).

Aart Sierksma

Bron: La Bourgogne, région test en France pour le stockage d’électricité [Alexandra Caccivio]

Dit bericht is 27 keer bekeken